RECENSIE: Wagner – Tristan und Isolde

****
© Christian Kleiner
Mannheim, 5 december 2021

Frank van Aken schittert met grootse intensiteit in Mannheim ‘Tristan en Isolde’

De liefde en de dood voelt men op afstand in de nieuwe productie van ‘Tristan en Isolde’ in het Nationaltheater van Mannheim. De première was al eens verschoven vanwege de Corona-pandemie en is nu ingehaald met de Nederlandse heldentenor Frank van Aken als een intense Tristan.

De opera ‘Tristan und Isolde’ (1865) van Richard Wagner (1813-1883) personifieert de liefde als geen enkele andere opera. Het werk exploreert de belichaming van de pure hartstocht en verwezenlijkt een gloeiende aanbidding van de liefde. Deze fantastische en onbestaanbare liefde toont de Duitse regisseuse Luise Kautz (1987) in haar nieuwe productie van ‘Tristan und Isolde’ voor het Nationaltheater van de Duitse stad Mannheim. Van haar geen herinterpretatie, maar een realistische enscenering in een opvoering zonder coupures en met 2G+.

Het voorspel demonstreert videoprojectie van Simon Janssen met een zwart universum vol vallende sterren, vuurwerk, een radiologische schedel, embryo, eicel en spermatozoën. Het Orchester des Nationaltheaters Mannheim speelt onder muzikale leiding van de Engelse dirigent Alexander Soddy – GMD in Mannheim sinds 2016 – dit voorspel heerlijk opgewonden.

De eerste akte toont het binnenste van het schip als een poppenhuis, dat Isolde – de Britse sopraan Allison Oakes met een hoog lyrisch geluid en een slanke laagte – als bruid van koning Marke naar Cornwall brengt. Ontwerpster Barbara Bachmann kleedde de personages in eind 19e-eeuwse kostuums, die zo uit een Engelse film lijken gehaald.

Isoldes bruidwerver (Germanisme) is Tristan, hier gezongen door de Nederlandse heldentenor Frank van Aken met mooi open timbre en verstaanbare dictie. Na zijn vertolking in Frankfurt (2011) en Dresden (2013) is dit Van Akens derde scenische productie van ‘Tristan und Isolde’.

Tristan vermoordde ooit Isoldes verloofde en nu zweert zij wraak. Zij verlangt van Tristan samen met haar boetedoening te drinken, maar in plaats van de doodsdrank schenkt Isoldes dienares Brangäne – de Oekraïense Julia Faylenbogen in gouvernante verschijning en met prachtig warme en volle mezzo – een liefdesdrank, waarna hun haat in liefde verandert.

De tweede akte brengt de opera in het Fin du Siècle, dat door de kostuums van de eerste akte al was verraden. Het decorontwerp van Lani Tran-Duc toont een hangende tuin met een jugendstil, oriëntaalse poort en een zithoek met brokaat kussens en gouden stoelen. In deze tuin treffen zich heimelijk Isolde – inmiddels koning Markes bruid – en Tristan.

Tijdens hun vurige duet “Nacht der Liebe” – op 1,5 meter – komt de projectie van het universum en de sterren terug. Van Aken maakt hier Tristans liefde voor Isolde vocaal buitengewoon helder. Marke – lijdend met sonore en effen bas de Koreaan Sung Ha – betrapt de geliefden en Tristan stort zich op het mes van zijn vriend én verrader Melot.

De derde akte speelt zich af bij Tristans kasteel in Bretagne, op een draaitoneel met een heuvel en een klein meertje waarheen Tristans dienaar Kurwenal – heldere bariton van de Duitser Thomas Berau – hem bracht. Frank van Aken schetst de nu zwaargewonde Tristan met fraaie frasen en schitterende piano/forte intensiteit. In zijn doodsstrijd is hij volmaakt realistisch en zijn uitingen van delier zijn knap afgewogen.

In de laatste scène – met een talentvolle Steuermann van de Duitse bas-bariton Marcel Brunner – komt Isolde net op tijd om Tristan te zien sterven (wegens Corona uiteraard op 1,5 meter). Uiteindelijk wordt zij in deze “Liebestod” te vaak overstemd door het orkest, terwijl zij zich enigszins ongemakkelijk in het meertje verdrinkt. Want de liefde van ‘Tristan und Isolde’ is een verbinding die niet van deze wereld is.

Buitenlandse Recensies, Nieuwe Recensie