RECENSIE: Mascagni / Leoncavallo

© Catherine Ashmore
Brussel, 6 maart 2018

Eva-Maria Westbroek overschittert zichzelf als Santuzza in Brussel

Damiano Michieletto’s enscenering van de tweeluik ‘Cavalleria Rusticana’ en ‘Pagliacci’ ging eind december 2015 in première bij het Royal Opera House te Londen en De Munt van Brussel haalt nu de productie naar het Europese vaste land. Ook het succesvolle duo Eva-Maria Westbroek als Santuzza en Elena Zilio als Mamma Lucia is overgekomen.

Het Gentse bakkerszoontje Gerard Mortier zou ervan hebben gesmuld. In de bakkerij van Mamma Lucia in ‘Cavalleria Rusticana’ ontmoeten Silvio en Nedda uit ‘Pagliacci’ elkaar al stiekem, terwijl Nedda de affiches ophangt voor ‘Pagliacci’. Even later tijdens het intermezzo van ‘Pagliacci’ verzoenen zich Mamma Lucia en Santuzza. Damiano Michieletto’s vindingrijke en verfijnde aanpak om details uit de tweeluik te betrekken, geeft een fraaie eenheid van de voorstelling. Maar ook aangrijpende momenten benadert hij scherpzinnig, zoals in de verwijten van Mamma Lucia én de Heilige Maagd jegens Santuzza voor haar schuld aan Turiddu’s dood. ‘Pagliacci’ daarentegen prikkelt wanneer het spel in het spel van achter de schermen, in de coulissen, op het podium, maar ook nog in het hoofd van Canio onscherp is.

De Nederlandse sopraan Eva-Maria Westbroek moest in januari 2018 nog afzeggen voor ‘Cavalleria Rusticana’ in de Metropolitan Opera van New York, maar in De Munt is haar Santuzza overweldigender dan ooit tevoren. De gemoedsbewegingen van het plattelandsmeisje maakt zij welhaast tastbaar. De vertwijfeling, het leed, de nijd van de bedrogen Santuzza zijn bij haar diep gevoeld. Nog treffender dan voorheen de ontspannen frasering, de verstaanbare dictie en het machtige borstregister, dat goed verbonden is met de top. En ook in Brussel ontvangt Eva-Maria Westbroek weer hartverscheurend tegenspel van de Italiaanse Elena Zilio als Mamma Lucia. Vocaal en scenisch temperamentvol zuigt de inmiddels 77-jarige zangeres je mee in iedere noot en elk woord.

Daarnaast Teodor Ilincai als een Turiddu met een flinke hoogte (de boventiteling noemt hem zo nu en dan Turridu), opnieuw Dmitri Platanias als een krachtige en charismatische Alfio (in Covent Garden ook nog Tonio) en José Maria Lo Monaco als Lola. Naast de robuuste Carlo Ventre in zijn roldebuut als een indrukwekkende Canio zijn de partijen licht bezet met de soubrette Simona Mihai als een charmante Nedda, Scott Hendricks als Tonio, Gabriele Nani als Silvio en Tansel Akzeybek als Peppe. Het Koor van de Munt zingt daarbij uiterst zorgvuldig.

De Italiaanse dirigent Evelino Pidò geeft een meer romantische lezing van dit veristische repertoire dan Antonio Pappano in zijn uitbundige benadering voor het Royal Opera House. Pidò houdt het symfonieorkest van De Munt uitstekend betrokken bij wat er op het toneel gebeurt en hij ademt met de zangers mee. Samengevat, een nieuwe triomf voor De Munt!

Buitenlandse Recensies, Nieuwe Recensie