***** Antony Beevor – Raspoetin en de ondergang van de Romanovs
De werken van de Britse militair-historicus Antony Beevor (1946) zijn dikwijls omstreden. Zo werden zijn internationale bestsellers als ‘Stalingrad’ (1998) en ‘Berlin: The Downfall 1945’ (2002) door Oekraïeners en Russen geboycot om hun welgevallige redenen. Nu is er na vier jaren een nieuw boek van Beevor dat gelijktijdig verschijnt in onder andere het Spaans, Frans, Duits, Deens, Italiaans en in de Nederlandse vertaling van Ruud van der Plassche als ‘Raspoetin en de ondergang van de Romanovs’.
Onderwerp van het nieuwe boek is de Russische prediker Raspoetin (1869-1916). Beevor onderzocht diens levensverhaal in het niemandsland tussen waarheid en mythe, tussen feit en fantasie. Voor het boek gebruikte Beevor nieuw ontdekt bronnenmateriaal uit Russische archieven en bibliotheken. Aan de hand van brieven en dagboeken van de tsarenfamilie, Raspoetin zelf en de mensen om hen heen plus kranteninterviews met Raspoetin zelf schetst Beevor een fascinerend beeld.
Beevor toont aan dat Raspoetin niet een mystiek figuur of een clown was, maar een gewetenloze, corrupte en losbandige intrigant. Achter deze prediker ging een man schuil die zijn macht misbruikte, de tsarenfamilie manipuleerde en het hof meesleurde in een maalstroom van schandalen.
Beevor heeft het leven van Raspoetin uitstekend onderzocht. Toch geeft hij niet altijd voetnoten bij de verhalen. Zo verzuimt hij te refereren naar de bron van het verhaal dat Raspoetins moordenaars zich beseften de kettingen en gewichten te zijn vergeten die het lijk naar de rivierbodem moesten trekken.
Het levensverhaal van Raspoetin wordt illustratief in de politieke en militaire tijd geplaatst. De sociaal maatschappelijke aspect van de tijd ontbreekt echter enigermate. Naar het einde toe is Beevor enigszins gejaagd en het laatste anderhalf jaar van de tsarenfamilie ontbreekt.
Beevor vertelt helder en spannend hoe Raspoetin de reputatie van de tsarenfamilie verwoestte en hoe het de weg vrijmaakte voor de revolutie van 1917. Raspoetins verhaal doet denken aan dat van Greet Hofmans. Zij was de alternatieve genezeres en handoplegster die negen jaren de vriendin en adviseuse van koningin Juliana was en dikwijls op Paleis Soestdijk verbleef. ‘Raspoetin en de ondergang van de Romanovs’ is een meeslepend boek over macht, mythe en ondergang.
Paperback
maart 2026
384 pagina’s
Uitgeverij Ambo|Anthos
ISBN 9789026372032
€ 29,99
***** Antonio Gramsci – Notities uit de gevangenis
De Italiaanse filosoof en marxist Antonio Gramsci (1891-1937) werd eind 1926 door het fascistische regime van Mussolini opgepakt. Kort nadat hij in 1937 vanwege zijn ernstig verslechterde gezondheid werd vrijgelaten, stierf hij in een kliniek op 46-jarige leeftijd.
Tijdens zijn jarenlange opsluiting schreef Gramsci zijn beroemde ‘Quaderni del carcere’. Dit zijn drieëndertig notitieboekjes met duizenden pagina’s over filosofie, politiek, geschiedenis, cultuur en literatuur. De teksten werden na de Tweede Wereldoorlog gepubliceerd en zorgden ervoor dat Gramsci uitgroeide tot de belangrijkste Italiaanse filosoof van de 20ste eeuw.
Een beknopte selectie van deze notities is door Arthur Weststeijn (1980) vertaald en nu uitgebracht in de bundel ‘Notities uit de gevangenis’. Weststeijn is universitair docent politieke geschiedenis en werkte aan Italiaanse universiteiten. Hij kortte de notities in en vermeed Gramsci’s vele zijpaden. Verder voorzag Weststeijn de notities van sleutelbegrippen die aan de tekst zijn ontleend, maar niet door Gramsci zelf als titels werden gebruikt.
De concentratie van het boekje ligt vooral op de eerste dertien notitieboekjes met de focus op politiek en filosofie. Gramsci’s teksten gaan voornamelijk over macht en machtsstrijd. Het sleutelbegrip van zijn filosofie is “hegemonie”, de als vanzelfsprekend ervaren dominantie van de heersende klasse over de hele samenleving. Hegemonie zorgt ervoor dat de heersende klasse zonder tegenspraak de touwtjes in handen kan houden. Allerlei aannames worden als “common sense” gezien wat ertoe leidt dat “subalternen” hun onderwerping voor lief nemen.
Een sleutelpositie is volgens Gramsci weggelegd voor intellectuelen. Voor hem moeten alle mensen van een politiek partij gezien worden als intellectuelen. Toch zijn er specifieke groepen die de speciale functie van intellectuelen hebben. Hij noemt ze vaandeldragers en bedienden die richting geven en een schakel vormen tussen massa en elite, tussen geregeerden en regeerders.
Gramsci’s notities blinken niet altijd uit in helderheid. Het zijn soms denkkronkels in star proza zonder duidelijke ontknoping. Zo nu en dan zijn de notities fragmentarisch. Dit fragmentarische karakter is door Weststeijn bewust behouden door verschillende passages los van elkaar te laten bestaan.
Sommige notities zijn inmiddels gedateerd, maar vele hebben een evident historische waarde. Daarnaast zijn veel notities opvallend actueel. Zo heeft Gramsci het over de Amerikaanse dominantie die Europa dwingt het verouderde fundament van economie en samenleving om te gooien.
De belangrijkste actualiteitswaarde ligt echter in Gramsci’s stelling dat intellectuele arbeid doorslaggevend is voor macht. In essentie kan iedere mens bijdragen aan de intellectuele machtsstrijd, want alle mensen zijn intellectuelen. De huidige stijging van het opleidingsniveau en sociale media hebben ervoor gezorgd dat het proces van collectieve meningsvorming daadwerkelijk is uitgesmeerd over de hele samenleving.
Paperback
april 2026
88 pagina’s
Uitgeverij Boom
ISBN 9789024475681
€ 14,90
***** Anton Tsjechov – Ik hou van u
De Russische auteur Anton Tsjechov (1860-1904) wordt gezien als één van de belangrijkste schrijvers van korte verhalen. Hij schreef er in zijn leven meer dan 500. De afgelopen jaren verschenen in Nederlandse vertaling nog de bundel ‘Anton Tsjechov; De dertig beste verhalen’ en het verhaal ‘In het ravijn’. Met de bundel ‘Ik hou van u’ met korte verhalen van Tsjechov vertaalt de Russisch-Nederlandse slaviste Anna Tuinenberg (1974) nu voor het eerst naar het Nederlands na eerder al naar het Russisch te hebben vertaald.
Tuinenberg koos tien minder bekende verhalen van Tsjechov waarin het gaat over de menselijke tekortkomingen binnen amoureuze verhoudingen. Tsjechov heeft veel verhalen geschreven over de liefde en het huwelijk. Hij beschouwde de liefde als een soort ziekte, waarvan met genezen moest. In het huwelijk heerst volgens hem slechts verveling, onbeduidendheid en ijdelheid.
In de verhalen zijn de hoofdpersonen allen mannen en zijn zij verstrikt in de vele gezichten van de liefde. Een pater familias die een liefdesbrief ontvangt, een besluiteloze man die een pistool wil kopen omdat hij zijn vrouw heeft verrast op het moment suprême, een bruidegom die van zijn toekomstige schoonvader als bruidsschat een schuldbriefje moet incasseren, een notaris die in zijn werkkamer zijn echtgenote met de huisleraar betrapt, een jongeman die met excuses wil ontsnappen aan een huwelijk.
Tsjechovs verhalen waren revolutionair. Ze hebben nooit een duidelijke, traditionele lijn. Dikwijls beginnen ze midden in een situatie, maak je direct kennis met de personages en hun dagelijkse leven, zonder hun hele voorgeschiedenis.
In feite gebeurt er vaak weinig. Er is niet veel actie, maar je gaat de diepte in. De opbouw draait om de sfeer en de psychologie, niet om het plot. En uiteindelijk stopt het verhaal alsof de schrijver midden in een scène ophoudt en dient de lezer zelf na te denken over de afloop.
Tsjechov was arts en net als een dokter bekijkt hij zijn personages objectief. Hij vertelt hoe het leven is, zonder te zeggen wie goed of slecht was. Daarnaast schrijft hij kort en bondig en laat hij lange uitleg over politiek of de maatschappij weg.
De vertaling van Anna Tuinenberg is hedendaags, natuurlijk en ongedwongen. Met zijn lichtvoetige humor en mededogen voor menselijke zwakheden en kleinburgerlijke beslommeringen blijven Tsjechovs verhalen verrassend herkenbaar en actueel. Ook nu nog kunnen wij ons makkelijk verplaatsen in de personages van Tsjechov met hun emoties en beslommeringen.
Hardcover
mei 2026
90 pagina’s
Uitgeverij Nobelman
ISBN 9789083614632
€ 19,95
**** Marc Jailloux & Didier Decoin – Het Bloed van de Valois; 2. De Narrenmeester
De historische serie ‘Le sang des Valois’ vertelt de geschiedenis van Frankrijk aan de hand van de verhalen van twee families: de koninklijke familie van Valois en de fictieve familie Tassin. Deel 1 ‘L’Homme du fleuve’ verscheen in oktober 2021 in het Frans en was in maart 2022 het eerste deel in de Nederlandstalige serie ‘Het Bloed van de Valois’. Het tweede en laatste deel ‘Le maître des fous’ verscheen in september 2023 in het Frans en is nu in Nederlandse vertaling van Frank Vanzeer uitgebracht als ‘De Narrenmeester’.
Dit eerste deel toonde de gevangen koning François I en de familie Tassin die vechten om te overleven. Het album eindigde met de dood van François I in 1547 in Rambouillet. Het tweede deel richt zich op de regering van koning Henri II en de rol van koningin Catharina de’ Medici. Henri II is de troonopvolger van François I. Zijn echtgenote Catharina de’ Medici zoekt toenadering tot Gauthier, de zoon van timmerman Louis Tassin. Vanaf dat moment wordt Gauthier haar geheime spion. De koning zou namelijk zijn gevallen voor de charmes van de 20 jaar oudere Diane van Poitiers. Een wereld vol verraad en complotten, terwijl Henri II ook nog probeert Mary Stuart uit Schotland te bevrijden.
De Franse scenarist en schrijver Didier Decoin (1945) – president van de Académie Goncourt – schreef opnieuw het verhaal naar het originele idee van Jérôme Clément. Zijn landgenoot Marc Jailloux (1973) tekende met streperige illustraties het middeleeuwse epos, de coverillustratie is van Ugo Pinson en de inkleuring verzorgde Florence Fantini.
Softcover
mei 2026
48 pagina’s
Uitgeverij Daedalus
ISBN 9789493477414
€ 11,95


