RECENSIE: Verdi – Don Carlos

****
© Opéra Royal de Wallonie-Liège
Luik, 5 februari 2020

Integrale ‘Don Carlos’ in Luik “pièce à succès”

De opera ‘Don Carlos’ van Verdi is een verlokking voor iedere operaliefhebber. De Italiaanse componist zelf was vanaf het begin niet tevreden met het werk en bleef er nog twintig jaren aan sleutelen, dus iedere opvoering van ‘Don Carlos’ kan een lezing van één van deze versies of zelfs een hybride van de diverse edities zijn. De Koninklijke Waalse Opera koos aangaande zijn nieuwe productie van ‘Don Carlos’ voor de Parijse wereldpremière en maakt met deze meest integrale uitvoering van het werk enorme indruk.

De Parijse wereldpremière van ‘Don Carlos’ van Giuseppe Verdi (1813-1901) in 1867 was slechts een “succès d’estime”. Niet alleen om esthetische en dramatische redenen, maar ook omwille van de lengte (de wereldpremière-versie duurt zo’n vier en half uur) reviseerde Verdi de opera daarna nog diverse malen. Op iedere editie van en verandering aan ‘Don Carlos’ zijn pluspunten te geven en bezwaren aan te merken. De voorliefde van velen voor de Parijse versie wordt bepaald door haar muzikale balans in de Grand Opéra stijl en het uitdiepen van de emoties in de belangrijke eerste akte (met haar hoopvolle sfeer en verhelderende introductie) en in het vierde bedrijf (in de uitgebreidere duetten tussen Philippe II en de Le Grand Inquisiteur en Philippe II en Carlos).

De Opéra de Paris opteerde in 2017 al voor deze wereldpremière-versie (in het Italiaans !) en de Koninklijke Waalse Opera (KWO) voert haar nu uit in het Frans. Het Luikse gezelschap heeft daarnaast kleine coupures, die Verdi tijdens de Parijse repetities maakte, teruggebracht en het overbodige ballet van de derde akte geschrapt. Het resultaat is schitterend. De bijna vijf uren ontwikkelen zich ongekunsteld in een donkere, pessimistische tragedie over onvermogen en machteloosheid.

De Italiaanse regisseur Stefano Mazzonis di Pralafera – al sinds 2007 artistiek directeur en intendant van Luik – maakt van ‘Don Carlos’ een groot historisch fresco. De prachtige decors van ontwerper Gary McCann en de gedetailleerde kostuums van Fernand Ruiz zijn werkelijk oogverblindend en de complexe, persoonlijke relaties worden hierin gepresenteerd als een boeiend drama. Dat Stefano Mazzonis di Pralafera niet zo maar wat doet blijkt uit zijn fraaie oog voor details, zoals een zoen tussen Philippe II en Eboli en hazenwindhonden in de derde akte, die zich afspeelt in de koninklijke tuinen van Valladolid (opgericht in de 16e eeuw naar aanleiding van een gebeurtenis met hanzenwindhonden). De vele changementen met open doek zijn evenwel een kwestie van smaak.

Het KOW heeft voor de mannenpartijen een sterk team bijeengebracht. De Amerikaanse tenor Gregory Kunde zingt de veeleisende titelpartij van de jonge Spaanse Infante en het jeugdige timbre van Kunde verraadt niet dat hij al oud genoeg is om met pensioen te gaan. Hij vertolkt Don Carlos en diens grote scala aan emoties met schitterende dynamiek en een fraai open geluid, dat af en toe doet herinneren aan het timbre van Pavarotti.

De stem van de Italiaanse bas Ildebrando D’Arcangelo heeft stilaan aan sonoriteit gewonnen en met solide laagte én hoogte en “ouderwets” organische aanzetten imponeert hij als een weerspannige, kille en grimmige Spaanse koning Philippe II. Marquis de Posa is met de Belgische bariton Lionel Lhote lyrisch bezet en de Italiaanse bas Roberto Scandiuzzi – ooit een belangrijke Philippe – is een imposante Grand Inquisiteur.

De twee damesrollen zijn helaas te licht bezet. De Spaanse Yolanda Auyanet is te lyrisch als Elisabeth de Valois en haar Frans behoeft bijles. De Amerikaanse Kate Aldrich kan niet voor een Verdi-mezzo doorgaan en heeft als La Princesse Eboli een te slanke stem.

De Italiaanse dirigent Paolo Arrivabeni – tussen 2008 en 2017 muzikaal directeur in Luik – toont zich een dienstbare muzikaal leider en geeft met het Orkest van de Koninklijke Opera van Wallonië-Luik een doelmatige lezing van de partituur. Het koor zingt geconcentreerd in hun diverse rollen als Vlaams gedeputeerden, hoofdames en –heren, geloofsrechters, wachters, soldaten, pages en monniken.

Helaas is er slechts één pauze, die in het midden van de derde akte valt. Niet alleen zijn daardoor de beide delen onnodig lang (twee kleine pauzes waren beter geweest), maar doet ook de plaatsing van deze pauze vóór de finale III afbreuk aan het gevoel van structuur. Iedere akte van ‘Don Carlos’ eindigt namelijk met een onverwachte confrontatie en plotselinge verandering van gebeurtenissen, maar dat doet de derde scène van de derde akte niet. Ondanks de kanttekeningen een unieke kans voor elke operaliefhebber om ‘Don Carlos’ te bewonderen zoals Verdi het ruim 150 jaren geleden voor Parijs heeft geschetst. Op naar Luik !

Update: De voorstelling van 14 februari 2020 wordt gratis live gestreamed op France TV. De streaming is zichtbaar in de hele Europa, ook in Nederland. Daarna wordt de film gratis aangeboden gedurende een jaar.

Buitenlandse Recensies, Nieuwe Recensie