RECENSIE: Verdi – La Forza del Destino

****
© DNO
Amsterdam, 21 september 2017

Eva-Maria Westbroek hemels in DNO ‘La Forza del Destino’

MUZIKAAL

1. Is men trouw aan de muziek of zijn er veranderingen? ***
– De Nationale Opera (DNO) opent het seizoen 2017/2018 met de opera ‘La Forza del Destino’ (St. Petersburg, 1862) van Giuseppe Verdi (1813-1901). DNO koos voor de herziene, Milanese versie van de opera uit 1869 zonder coupures. Er zijn twee pauzes waarvan de onnodige tweede helaas de vaart uit het drama haalt.

2. Zijn de zangers rollendekkend? ***
– De Nederlandse sopraan Eva-Maria Westbroek zingt de rol van Leonora di Vargas na haar roldebuut in 2008 in Brussel en haar debuut aan de Wiener Staatsoper in 2010. Met haar rijke spintosopraan maakt zij de smart en wanhoop van de lijdende Leonora volkomen voelbaar. Haar hartveroverende “Pace, pace, mio Dio!” is van een werkelijk hemelse schoonheid! Eva-Maria Westbroek wordt in deze voorstelling omringd door Italiaanse zangers. De tenor Roberto Aronica zingt de partij van Alvaro bewonderenswaardig, ook al brandt zijn vuur op een lager pitje. De stem van Franco Vassallo benadert het geluid van een Verdi-bariton en ondanks een hoorbare verkoudheid zette hij de partij doeltreffend neer. Alessandro Corbello steelt de show als Fra Melitone met authentieke stemvoering. De partner van Aronica Veronica Simeoni zingt Preziosilla met sopraankwaliteit en Carlo Bosi gaat als Trabuco helaas voorbij aan het jengelende karakter van Verdi’s antisemitische aria “A buon marcato”. De Russische bas Vitalij Kowaljow is een sonore Guardiano.

3. Is de dirigent betrokken bij het podium? *
– Dirigent Michele Mariotti (Pesaro, 1979) is jammer genoeg de zwakke schakel in de uitvoering. Zijn eigenzinnige tempi (“Madre, pietosa Vergine” en “Infelice, delusa, rejetta” leken draaiorgelmuziek), de ongepaste accelendandi en de enorme crescendi zijn slechts effectbejag. Hij laat de zangers hém volgen in plaats van andersom en daardoor komt de uitvoering niet in een flow. Mariotti heeft niet veel begrepen van Verdi en laat horen dat hij nog wat luisteruren te gaan heeft.

4. Vormen de (koor- en) orkestleden onderling en samen een eenheid? ****
– Het Nederlands Philharmonisch Orkest en het Koor van de Nationale Opera musiceren daarentegen onder zijn leiding zeer zorgvuldig.

DRAMATURGISCH

5. Komt de enscenering overeen met het libretto? ****
– Regisseur Christof Loy (Essen, 1962) presenteerde zich bij DNO eerder met een zwakke ‘Les Vêpres Siciliennes’, een sterke ‘Arabella’ en een boeiende ‘Khovansjtsjina’. Hij houdt zich in ‘La Forza del Destino’ uitstekend aan het libretto van Francesco Maria Piave en kleurt het verhaal hier en daar in.

6. Wordt er een verhaal verteld? ****
– Het onsamenhangende scenario en zwakke verhaal van de opera wordt door Loy verteld aan de hand van een zeer gedetailleerde personenregie. Maar voor passie is niet altijd plaats in zijn concept. Zo moet Leonora het in de finale te lang doen zonder de omhelzing van Alvaro…

7. Hoe is de esthetiek en functionaliteit van de vormgeving? ***
– Het akoestisch goedgunstige decor staat onder een bijzonder fraaie hoek naar het auditorium. Dit toneelbeeld geeft een onverwacht ruimtelijke gewaarwording en maakt het verhaal meer coherent. Helaas is het decor niet op alle plekken van het auditorium goed te overzien. Clichématig zijn de terugkerende stoelen in alle akten, geen meerwaarde heeft de projectie van videobeelden en onbestendig zijn de kostuums. En niet bijdragend zijn de prostituees die Loy – net als in ‘Khovansjtsjina’ – ten tonele voert op het slagveld in de derde akte. Evenwel is de schildering van Leonora als Maria in de finale II prachtig.

8. Hoe is de integratie regie-muziek? ****
– Loy getuigt diverse malen van muzikaliteit. Hij erkent ook de onbeduidendheid van de laatste scène van de derde akte – een onnodig, opéra-comique tafereel – door er een vermakelijk “over the top” Music Hall spektakel te vertonen. De choreografie van Otto Pichler – de vaste choreograaf van Barrie Kosky – is hier bovendien fantastisch!

ALGEMEEN

9. Is de productie artistiek innovatief? ***
– Deze ‘La Forza del Destino’ is een bekwame en afgewogen productie; vernieuwend is zij echter niet.

10. Is de productie onderscheidend of spraakmakend? ***
– Schijnbaar was DNO het bestaan van ‘La Forza del Destino’ vergeten, want voor het eerst in ruim vijftig jaren (!) wordt de opera door DNO weer aan het Nederlandse publiek gepresenteerd. In dat opzicht is de productie opzienbarend!

11. Is er Nederlandse betrokkenheid bij de productie (zangers, regisseur, ontwerpers, dirigent)? ****
– Opzienbarend is het ook dat de sopraan Roberta Alexander voor het eerst bij De Nationale Opera in het Muziektheater zingt. Na ruim dertig jaren heeft DNO de goedheid gehad om haar te engageren als de “maid” Curra, die zij voortreffelijk gestalte geeft. Peter Arink is een uitstekende Chirurgo en Roger Smeets een prima Alcade.

12. Hoe is het bezoekersaantal in verhouding tot de zaalcapaciteit? *****
– DNO heeft ervoor gezorgd dat de première uitverkocht was. Na vijftig jaren afwezigheid van ‘La Forza del Destino’ leidden
 onbekendheid met deze opera en onwennigheid met dit repertoire echter tot geforceerd applaus van het premièrepubliek en dientengevolge verstarring van de uitvoering.

De Nationale Opera, Nieuwe Recensie