RECENSIE: Offenbach – Orphée aux Enfers

***
© Lorraine Wouters
Luik, 23 december 2016

Opera Luik maakt feestspektakel van ‘Orphée aux Enfers’

‘Orphée aux Enfers’ van Offenbach is één van de kostbaarheden uit de operaliteratuur en de ‘opéra féerie’ wordt door de Koninklijke Opera van Wallonië in Luik hernomen als bruisende afsluiting van de feestmaand december.

‘Orphée aux Enfers’ is een opera in twee bedrijven en vier tableaus van Jacques Offenbach (1819-1880) op een libretto van Hector Crémieux en Ludovic Halévy. Het trio maakte een parodie en satire op het verhaal van Orfeo en Euridice, die culmineert in het wereldberoemde Cancan oftewel ‘Galop infernal’ van de finale van de opera. De wereldpremière van ‘Orphée aux Enfers’ vond plaats op 21 oktober 1858 in het Théâtre des Bouffes-Parisiens te Parijs en Offenbach reviseerde de opera in een vierakter die in 1874 in het Théâtre de la Gaîté van Parijs het levenslicht zag.

Offenbach geeft een scherp, speels, extravagant en charmant kijkje op zowel de mythe van Orphée als de goden van de Olympus. Hier is het huwelijk van de violist Orphée en zijn vrouw Eurydice geen gelukkige verbintenis. Als Pluto Eurydice naar de onderwereld ontvoert, is Orphée dan ook uitzinnig van vreugde, maar dwingt de L’Opinion Publique hem om haar weer terug te halen. Uiteindelijk zijn het de goden die ervoor zorgen dat Orphée toch maar omkijkt…

De Koninklijke Opera van Wallonië in Luik herneemt zijn productie uit 2006 van de originele versie van ‘Orphée aux Enfers’ uit 1858. Deze eerste versie blijkt men aangevuld te hebben met een paar elementen van de bewerking uit 1874. Zo is uit 1874 voor het eerste tableau het “Halte là!” van de L’Opinion Publique toegevoegd en voor het tweede tableau het onweerstaanbare rondo van Mercure “Et hop!” geleend. En uiteraard mochten ook in het derde tableau het “Couplets des regrets” van Eurydice en de kussen van Cupidon uit 1874 niet ontbreken!

De Belgische regisseuse Claire Servais maakt van ‘Orphée aux Enfers’ een feestspektakel met opera, dans en theater. Orpheé is violist in de opera, waar zijn vrouw Eurydice werkt als concierge en de L’Opinion Publique is een TV-presentatrice, die op zoek is naar sensatie. Als Orphée vertrekt naar de onderwereld komen zijn leerlingen afscheid nemen en wordt een innemend tafereel gepresenteerd met tien jonge violistjes en twaalf jonge zangertjes. In de tweede akte worden de goden getoond als in een senaatszitting en de onderwereld in de laatste akte is een plaats van plezier. Helaas heeft Servais de gesproken teksten gereviseerd. Er zijn teveel dialogen ingevoegd, die de muzikale flow uit het drama halen en daardoor duren het eerste en tweede tableau samen bijna een half uur (!) langer dan in de versie van Laurent Pelly.

De rol van Eurydice wordt gezongen door de Waalse coloratuursopraan Jodie Devos, die tijdens de Koningin Elisabethwedstrijd van 2014 de tweede prijs en de publieksprijs won. Haar jonge, slanke en lyrische stem is in haar element in de hoge coloratuurpartij en haar vertolking is sympathiek en charmant. Jodie Devos is een talent voor wie een schone carrière is weggelegd. De Belgische tenor Papuna Tchuradze zingt de titelrol met een mooi, breed en kernachtige geluid, dat alleen nog meer open mag klinken. De Belgische mezzo Natascha Kowalski is de enige van de originele cast uit 2006 en zingt in het derde tableau de kusaria van de versie uit 1874. De overige partijen worden in wisselende mate gezongen.

De Luikse dirigent Cyril Englebert is sinds 1989 verbonden aan de Koninklijke Opera van Wallonië geeft met het Orkest van de Koninklijke Opera van Wallonië-Luik een transparante lezing met mooie kleurschakeringen en gepaste tempi. Een bruisende afsluiting van de feestmaand december!

Buitenlandse Recensies, Nieuwe Recensie