RECENSIE: R. Strauss – Ariadne auf Naxos

***
© Marco Borggreve
Enschede, 10 september 2016

LHBTI-feestje bij Reisopera ‘Ariadne auf Naxos’

De Nederlandse Reisopera opent het nieuwe seizoen 2016/2017 met de opera ‘Ariadne auf Naxos’ van de componist Richard Strauss. De opera wordt uitgevoerd in de herziene versie van Strauss, precies honderd jaren na de wereldpremière van 4 oktober 1916 in Wenen.

Het siert de Reisopera dat zij ‘Ariadne auf Naxos’ van Richard Strauss (1864-1948) op het programma hebben genomen, want het is een uitdagende opera die vijftien jaren niet meer in Nederland scenisch werd opgevoerd. ‘Ariadne auf Naxos’ is scenisch en muzikaal een bewerkelijke opera. Het vraagt om een sterke personenregie van de bijna twintig rollen en daarnaast om een goed onderscheid tussen humor en dramatiek. Voor regisseur Laurence Dale – die zijn bekwaamheid als regisseur bij de Reisopera al eerder bewees – lijkt deze complexiteit echter een te grote uitdaging.

Het lukt Dale niet om in het verhaal van ‘Ariadne auf Naxos’ de strijd tussen de burleske groep en de operagroep goed tot uitdrukking te laten komen. Hij differentieert niet in bijzondere mate tussen deze kunstgezelschappen, waardoor de tegenstellingen – waarop ‘Ariadne auf Naxos’ steunt – niet uit de verf komen. Uiteindelijk blijkt de personenregie niet erg sterk. Zo brengen de aankondigingen van de Haushofmeister om het programma om te gooien geen shock bij de aanwezigen teweeg en staan de overige personages vaak aan de kant maar wat te wachten.

Het decor en de projecties van eilanden en water zijn fraai. Tegen deze achtergrond viert Dale zijn eigen LHBTI-feestje, alwaar diverse personages neergezet worden als homo, lesbienne of biseksueel. Zo ontvangt de homoseksuele, rijkste man van Wenen samen met zijn partner de Haushofmeister tijdens het feestje de twee gezelschappen. Verder flirt de rijkaard nog met zijn eigen Lakei, is de Tanzmeister een flaming queen, vrijt de rondborstige, vrouwelijke componist met Zerbinetta en is er ten slotte een orgie waaraan zo ongeveer iedereen meedoet. Deze “verrijking” van de personages is echter niet erg functioneel. Bovendien verschijnt de rijkste man van Wenen zélf ten tonele, waardoor het enigmatische van dit personage – waarover iedereen het heeft, maar die in de opera eigenlijk niet optreedt – teniet wordt gedaan.

De laatste productie van ‘Ariadne auf Naxos’ in Nederland was van de hand van regisseur Jan Bouws bij de Stichting Internationale Opera Producties in oktober 2001. In die productie waren nog diverse Nederlanders te vinden in hoofdrollen, waaronder Janny Zomer in de titelrol, Corinne Romijn als de Komponist en Edwin Rutten als de Haushofmeister. Helaas vindt men bij de nieuwe productie van de Reisopera slechts drie Nederlandse zangers in bijrollen: Caroline Cartens als Najade, Leonie van Rheden als Dryade en Jacques de Faber in de negen noten van de Offizier. Alleen de Nederlandse mezzosopraan Karin Strobos zingt een hoofdrol en brengt vrouwelijke lyriek in de dramatische partij van de Komponist.

De Koreaanse Soojin Moon was in 2012 Madama Butterfly bij Opera Zuid en zingt hier Ariadne met drie verschillende stemmen. De Britse sopraan Jennifer France is een uitstekende Zerbinetta, maar moet tijdens haar aria zoveel bewegen dat hoge noten – waaronder de twee hoge E’s – te laag uitkomen. De Duitse, lyrische tenor Martin Homrich vergrijpt zich aan de heldenpartij van Bacchus. Antonino Fogliani dirigeerde al vaker bij de Reisopera en timmert ook internationaal goed aan de weg. Hij is de ster van de avond. Hij laat het ensemble van het Noord Nederlands Orkest in alle miniatuurachtige verfijning en weelderige schoonheid schitteren, waardoor deze ‘Ariadne auf Naxos’ toch nog orkestraal kleurrijk en bezield wordt.

De Nederlandse Reisopera, Nieuwe Recensie