RECENSIE: W.A. Mozart – ‘Le Nozze di Figaro’

***
© DNO
Amsterdam; 6 september 2016

DNO opent seizoen met low-budget ‘Le Nozze di Figaro’

MUZIKAAL

1. Is DNO trouw aan de muziek of zijn er veranderingen? ***
– Elk zichzelf respecterend operahuis opent het nieuwe seizoen middels een grootse productie van een gerenommeerde regisseur met belangrijke zangers. Echter, De Nationale Opera (DNO) opent het seizoen 2016/2017 met een ondermaatse, low-budget productie van ‘Le Nozze di Figaro’ van W.A. Mozart (1756-1791). Gekozen is voor de versie van de Weense wereldpremière uit 1786, waarin de aria’s van Marcellina en Basilio van de vierde akte zijn geschrapt.

2. Zijn de zangers rollendekkend? ***
– Men kan bij deze seizoensopening van DNO niet spreken van belangrijke zangers. Alleen Stéphane Degout bruist als Graaf Almaviva en straalt met zijn nobele, nasale bariton. De Italiaanse bas-bariton Alex Esposito zingt de titelrol met weinig legato, spaarzame lijnen en geringe focus. De Italiaanse sopraan Eleonora Buratto is een kelige, monochrome en niet altijd verstaanbare Gravin. Haar hoogte is vol, maar de hoge Cs in “Ah! se almen la mia costanza” zette zij eigenaardig aan met een semitoon van onderen. De Duitse sopraan Christiane Karg is een pinnige Susanna zonder veel warmte en de Franse mezzo Marianne Crebassa is een te vrouwelijke Cherubino.

3. Is de dirigent betrokken bij het podium? ****
– De Britse dirigent Ivor Bolton (1958) gaf bij DNO onder andere al een sfeervolle lezing van ‘Billy Budd’, maar ook een onverzorgde ‘Armide’ en zijn ‘Le Nozze de Figaro’ heeft meer weg van die laatste prestatie. Bolton is zeer attent naar het toneel en geeft de zangers uitstekend aan. Zijn lezing is echter niet erg nauwkeurig en vaak ongenuanceerd.

4. Vormen de (koor- en) orkestleden onderling en samen een eenheid? **
– Onder leiding van Ivor Bolton speelt het Nederlands Kamerorkest spontaan, maar ook vooral vet, log en ondoorschijnend. De ongelukjes bij de première zullen hopelijk in de loop van de voorstellingsreeks niet meer voorkomen.

DRAMATURGISCH

5. Wordt er een verhaal verteld? **
– Voor deze DNO-seizoensopening is zoals gezegd niet gekozen voor een gerenommeerde regisseur, want veel wapenfeiten heeft de Duitse regisseur David Bösch (1978) nog niet op zijn naam staan. Bösch opende in 2014 het seizoen van Opera Vlaanderen met een hapklare en spanningsloze enscenering van ‘Elektra’ en zijn DNO-debuut met ‘Le Nozze di Figaro’ is van dezelfde aard. De personenregie verduidelijkt niet erg veel en de productie heeft weinig zeggingskracht.

6. Komt de enscenering overeen met het libretto? ***
– Deze ‘Le Nozze di Figaro’ mist een focus op de kernemotie van de opera en geeft geen goede personageschetsen. Bösch vult de scènes slechts met kunstjes en trucjes. Zo is “Hai gia vinta la causa” van de Graaf op de hometrainer op zich geestig, maar niet doelgericht, laat staan praktisch. En Bösch heeft helaas geen uitzonderlijk komisch talent. Zijn ‘Le Nozze di Figaro’ ontbeert een uitgebalanceerde combinatie van melancholie en klucht.

7. Hoe is de esthetiek en functionaliteit van de vormgeving? **
– Men kan bij deze seizoensopening niet spreken van een grootse, mooie productie. Op de bühne staat een low-budget decor, waarop het uitgemolken concept van draaitoneel met houten stellage wordt vertoond. En voor het overige is er ook niet veel aan schoonheid te ontdekken. Het is allemaal vaak grof en plat.

8. Hoe is de integratie regie–muziek? ***
– Bösch laat de zangers vaak naar het publiek zingen en vertellen en daar is veel voor te zeggen.

ALGEMEEN

9. Is de productie artistiek innovatief? *
– DNO toont weinig fantasie door ‘Le Nozze di Figaro’ te programmeren als seizoensopening. Na de Mozart-opera ‘Don Giovanni’ in het vorige seizoen (terwijl die opera in dat seizoen ook al gespeeld werd door Holland Opera, Opera Vlaanderen en de Reisopera) brengt DNO met ‘Le Nozze di Figaro’ dit seizoen alweer een Da Ponte/Mozart-opera, die bovendien in november en december 2016 ook gespeeld wordt door Opera Zuid en dit seizoen net over de Duitse grens nog in Düsseldorf, Essen, Hagen en Keulen.

10. Is de productie onderscheidend of spraakmakend? **
– Zo middelmatig als DNO het vorige seizoen afsloot met de ‘Schoppenvrouw’ van Tsjaikovski, zo onbeduidend is ook de opening van dit nieuwe seizoen 2016/2017 met deze ‘Le Nozze di Figaro’.

11. Is er Nederlandse betrokkenheid bij de productie (zangers, regisseur, ontwerpers, dirigent)? *
– Het is pijnlijk te constateren dat van de vele bijrolletjes in ‘Le Nozze di Figaro’ slechts één door DNO bezet is met een Nederlandse zanger: Koorlid Jeroen de Vaal zingt de rechter Don Curzio. Om van de hoofdrollen nog maar te zwijgen…

12. Hoe is het bezoekersaantal in verhouding tot de zaalcapaciteit? **
– De première van de DNO-seizoensopening was opmerkelijk genoeg niet uitverkocht. Door de aanzienlijke prijsverhogingen van DNO zit nu het 2e balkon vol en zijn er in de zaal én op het 1e balkon vele plaatsen leeg.

De Nationale Opera, Nieuwe Recensie