RECENSIE: Mozart – Don Giovanni

***
© Monika Rittershaus
Amsterdam; 7 mei 2016

DNO helpt ‘Don Giovanni’ om zeep

MUZIKAAL

1. Is DNO trouw aan de muziek of zijn er veranderingen?
– De Nationale Opera (DNO) presenteert een acht jaar oude productie van ‘Don Giovanni’ van W.A. Mozart (1756-1791) uit Salzburg (en niet Berlijn, zoals DNO vermeldt). De productie is een menging van de Praagse (1787) versie en de Weense (1788) versie van ‘Don Giovanni’. De DNO-uitvoering bevat de Weense aria “Dalla sua pace” plus de Weense aria “Mi tradì” en de epiloog is geschrapt (volgens de Weense versie). Maar het Weense duet van Zerlina en Leporello wordt toch niet gespeeld en de Praagse aria “Il mio tesoro” toch weer wel. Het maakt allemaal een inconsequente indruk. ***

2. Zijn de zangers rollendekkend?
Christopher Maltman is een vocaal volle, maar soms eenkleurige Don Giovanni. Zijn aria “Finch’han dal vino” was erg kortademig. Donna Anna (Sally Matthews) en Donna Elvira (Véronique Gens) zingen onzuiver en intoneren continu te hoog. Sally Matthews blaft zich door de recitatieven en zingt haar aria “Or sai chi l’onore” met glottisslagen en geknödel. Adrian Sampetrean als Leporello, Juan Francisco Gatell als Don Ottavio en Iurii Samoilov als Masetto waren voldoende tot goed. De beste prestaties van de avond kwamen van Mika Kares als Il Commendatore en Sabina Puértolas als Zerlina. ***

3. Is de dirigent betrokken bij het podium?
Marc Albrecht dirigeert zijn eerste ‘Don Giovanni’ en dat is te horen én te zien. Hij gesticuleert druk en overspannen naar het Nederlands Kamerorkest alsof de leden zwakbegaafd zijn en niets hebben onthouden van de repetities. Door zijn afwezigheid bij het drama op het podium liep het trio aan het begin van de tweede akte ongelijk en kon hij – behalve zijn hoofd schudden – niets uitvoeren. **

4. Vormen de (koor- en) orkestleden onderling en samen een eenheid?
– Er is geen poëzie is Albrechts directie van het Nederlands Kamerorkest en het klinkt allemaal nogal zakelijk. ***

DRAMATURGISCH

5. Komt de enscenering overeen met het libretto?
Claus Guth (Frankfurt, 1964) neemt in zijn productie van ‘Don Giovanni’ de vrijheid om telkens waar het hem past over het libretto van Da Ponte heen te stappen. Zijn enscenering speelt zich af in een ontmoetingsplaats in het bos, waar Don Giovanni en Leporello verslaafd zijn aan heroïne. Hierin zijn er diverse incongruenties met de tekst, die dan geïnterpreteerd dienen te worden als fantasieën en hallucinaties van de junkies. Zo is er in het bos geen raam, waardoor Giovanni’s aria “Deh vieni alla finestra” kant noch wal raakt. En “Ah, soccorrete, amici” en “celate, allontanate” van Ottavio is aan dovemans oren, omdat er geen “amici” zijn… **

6. Wordt er een verhaal verteld?
– Guth vertelt in ‘Don Giovanni’ een kroniek van het falen. De verwonde junkie Don Giovanni is gedoemd te mislukken en te sterven. Deze irrationele en dierlijke interpretatie van ‘Don Giovanni’ biedt interessante momenten, maar is te klankloos voor het realiseren van de gemoedsbewegingen van de opera. ***

7. Hoe is de esthetiek en functionaliteit van de vormgeving?
– De uitgemolken, Duitse draaibühne als decor voor het bos en ontmoetingsplaats voor junkies en seks is leuk gevonden, maar boeit niet drie uren lang. Decorwisselingen in opera’s behoren schijnbaar tot het verleden… ***

8. Hoe is de integratie regie – muziek?
– De enscenering van Guth sluit te weinig aan bij de muziek van Mozart. Zo is “Or sai chi l’onore” totale onzin als Donna Anna het gezicht van Don Giovanni al in de eerste scène heeft gezien. En de recitatieven zijn te breedsprakig en vloeien daardoor muzikaal niet. **

ALGEMEEN

9. Is de productie onderscheidend of spraakmakend?
– De vorige DNO-productie van ‘Don Giovanni’ uit 2006 met Don Giovanni als Bedhopper – nota bene in 2011 hernomen – was saai, maar deze nieuwe productie is niet minder slaapverwekkend. **

10. Is de productie artistiek innovatief?
– Vier producties van Mozarts ‘Don Giovanni’ binnen één jaar – van DNO, Holland Opera, Opera Vlaanderen en de Reisopera – getuigen niet van een genuanceerd operabeleid in Nederland. En het komende, fantasieloze DNO-seizoen opent met Mozarts ‘Le Nozze di Figaro’ en in het midden van het DNO-seizoen is er nog Mozarts ‘Die Entführung aus dem Serail’. **

11. Is er Nederlandse betrokkenheid bij de productie (zangers, regisseur, ontwerpers, dirigent)?
– Het is gênant maar waar: Er is nul Nederlandse participatie, zelfs de rollen van Zerlina en Masetto zijn niet door Nederlandse zangers bezet. *

12. Hoe is het bezoekersaantal in verhouding tot de zaalcapaciteit?
– Het Muziektheater was bij de première uitverkocht. Met belangstelling wordt uitgekeken naar de zaalbezetting in het komende seizoen, nu DNO zijn fantasieloze programma en de absurde prijsstijgingen voor 2016/2017 heeft gepresenteerd. *****

De Nationale Opera, Nieuwe Recensie