BOEKEN: George & Mauro – ‘Master Singers’

september 2015

 

In elke studie is er een kloof tussen opleiding en werksituatie. Ook in de zangwereld is er een lacune tussen de benadering op het conservatorium en wat op het professionele operapodium vereist wordt. In het boek ‘Master Singers; Advice from the Stage’ onderzoeken Donald George en Lucy Mauro dit hiaat door vragen voor te leggen aan professionele zangers.

Eenentwintig operazangers werden voor het boek ‘Master Singers’ geïnterviewd over diverse aspecten van de professionele operacarrière. Zij kregen zo’n dertig vragen voorgelegd over facetten van het beroep van operazanger, die men niet op het conservatorium leert, waaronder stemtechniek (ademsteun, dictie, passaggio, registers), stemhygiëne (repertoirekeuze), het operatoneel (studeren van een rol, opwarmen, voorbereiden, inleven in een rol, de rol van de dirigent), opnamen (CD, HD) en plankenkoorts. Zangers als Stephanie Blythe, David Daniels, Joyce DiDonato, Denyce Graves, Thomas Hampson, Jonas Kaufmann, Simon Keenlyside en Ewa Podleś gaven antwoorden in interviews, maar ook door middel van media als email, Facebook en Skype en zij dienden zich per vraag in hun antwoord te beperken tot 150 woorden.

De vragen waren door de auteurs van het boek Donald George en Lucy Mauro samengesteld met behulp van studenten, docenten en artiesten. Donald George is een lyrische tenor die zong in de Scala van Milaan (Bob Boles in ‘Peter Grimes’ in het seizoen 1999/2000) en diverse andere operahuizen in de wereld. Sinds 2008 geeft hij les als zangdocent aan The Crane School of Music in Potsdam, New York. Pianiste Lucy Mauro doceert aan de West Virginia University en maakte opnamen met Donald George voor het label Delos.

In hun antwoorden geven de operazangers hun meningen, adviezen en opgedane ervaringen en benoemen zij de doorslaggevende facetten die behoren tot het hebben van een internationale operacarrière. De antwoorden zijn veelal fascinerend. Zo valt op dat veel zangers vóór het studeren van een rol eerst naar opnamen van de betreffende opera luisteren. Sommigen studeren een rol in 2 à 3 dagen in (Jonas Kaufmann), anderen in 2 à 3 maanden (Simon Keelyside). Ook toont het boek opnieuw aan dat zangers niet zozeer hun stem gebruiken met anatomische kennis, maar visualiseren, invoelen en inbeelden.

Vele reacties zijn interessant, zoals “I will be a voice student until the very end” (Eric Owens), “Kill’ em with kindness” (Christine Goerke), “surrounding yourself with yes-men is a recipe for disaster vocally and emotionally” (Joseph Calleja) en “in Germany the administration and dramaturgy are more important than the performers” (Gerhard Siegel).

Sommige zangers geven korte antwoorden (Lisette Oropesa, Ewa Podleś), andere soms naïeve (“society says we have to have a flat tummy, which is all incorrect for singing”, “washing your hands often”), weer andere enigszins gebrekkige (“take it [adem, red.] through the nose, as that encourages the the throat to stay open”), maar ook tegenstrijdige en verwarrende.

Niet alle zangers beantwoorden alle vragen en Lawrence Brownlee en Joyce DiDonato gaven antwoord op het minst aantal vragen. Hierbij kan men vraagtekens zetten. Daarnaast zijn voor ‘Master Singers’ slechts zangers gevraagd die nog actief zijn op het operatoneel. Het zou echter informatief geweest zijn om tevens zangers te vragen die niet meer actief zijn en wellicht meer geneigd zouden zijn geweest om onverbloemde antwoorden te geven. Verder bevat het boek een aantal fouten, zoals wanneer Simon Keelyside beweert dat ‘Parsifal’ pas na 1913 voor het eerst buiten Bayreuth werd opgevoerd en Lawrence Brownlee meent dat Franco Corelli in ‘I Puritani’ heeft gezongen.

‘Master Singers’ kan goed bestaan naast ‘Great Singers on Great Singing’ van Jerome Hines uit 1982, waarin de bas op intieme wijze met zangers praat over hun zangtechniek. ‘Master Singers’ is een fascinerend boek voor zangstudenten, onderzoekers en docenten, maar ook voor recensenten en operaliefhebbers om te weten te komen wat er in een zanger omgaat en hoe kwetsbaar de zangers zijn.

Oxford University Press, USA
2015; €23,16
ISBN: 978-0199324187
192 blz, Paperback

Boeken, Nieuwe Reportage