NECROLOGIE 2013

De operawereld verloor in 2013 een aantal prominente zangers. Hier volgt een overzicht.

Bas-bariton Charles van Tassel overleden (75)

Op 4 januari 2013 is de Amerikaans-Nederlandse bas-bariton Charles van Tassel overleden.

Charles van TasselCharles van Tassel werd in 1937 in New York geboren. Hij kwam in 1968 naar Duitsland en werkte in Bremerhaven, Kassel, Freiburg, Hamburg en Braunschweig. Op 12 september 1975 maakte hij zijn operadebuut in Nederland als Ford in ‘Falstaff’ bij Opera Forum in een regie van Tito Gobbi naast Jennie Veeninga als Alice. Later dat seizoen zong hij bij Opera Forum de titelrol in ‘Don Giovanni’ van Mozart. Vervolgens zou hij de Nederlandse nationaliteit aannemen. Uiteindelijk vertolkte Van Tassel meer dan 100 operarollen. Hij maakte op 1 juni 1979 zijn debuut bij het Holland Festival in het tweeluik ‘La Délivrance de Thésée’ van Milhaud en ‘Hin und Zurück’ van Hindemith en maakte op 8 april 1982 zijn debuut bij De Nederlandse Operastichting als Jeletski in ‘Pique Dame’ van Tchaikovsky. Van Tassel kon uitstekend a prima vista zingen, waardoor hij vaak kon invallen. Diverse componisten hebben werken voor hem geschreven en hij zong ook in veel wereldpremières. Zo trad hij op 29 april 1994 bij De Nederlandse Opera op in de rol van Modest Tchaikovsky in de wereldpremière van de opera ‘Symposion’ van Peter Schat en in 2007 zong hij nog de rol van Doctor Keppler in de wereldpremière van de opera ‘Wagner Dream’ van Jonathan Harvey in het Holland Festival. Van Tassel werd niet alleen bekend als opera- en oratoriumzanger, maar ook als vertolker van het Duitse, Franse, Amerikaanse en Russische liedrepertoire. Zo nam hij in 1991 voor het label Vox Temporis 35 liederen van Charles Ives op met de pianist Marien van Nieukerken. In 1997 beleefde hij nog zijn debuut in de Carnegie Hall in zijn geboorteplaats New York en gaf er een recital met Amerikaanse en Nederlandse liederen.

Sopraan Åse Nordmo Løvberg overleden (89)

Op 25 januari 2013 is de Noorse sopraan Åse Nordmo Løvberg overleden.

Aase Nordmo-Lovberg_Elsa-BayreuthÅse Nordmo Løvberg werd op 10 juni 1923 in Målselv te Noorwegen geboren. Zij maakte haar debuut in 1948 in Oslo en verhuisde in 1952 naar Stockholm om bij de Koninklijke Zweedse Opera van Stockholm in 1953 als Elisabeth in ‘Tannhäuser’ van Wagner haar debuut te maken. Een jaar later zong zij in Stockholm de rol van Santuzza in ‘Cavalleria Rusticana’ naast Jussi Björling als Turiddu en in 1955 zong zij er de rol van Sieglinde in ‘Die Walküre’ van Wagner naast Birgit Nilsson als Brünnhilde en Set Svanholm als Siegmund. De internationale doorbraak van Nordmo Løvberg kwam in 1957 toen zij aan de Weense Staatsopera onder leiding van Herbert von Karajan de rol van Sieglinde zong. Op 11 februari 1959 maakte zij als Elsa in ‘Lohengrin’ haar debuut in de Metropolitan Opera van New York, waar zij in twee seizoenen in dertien voorstellingen behalve Elsa en Sieglinde ook nog Leonore in ‘Fidelio’ eEva in ‘Die Meistersinger von Nürnberg’ zong. In het jaar 1960 trad zij op in Bayreuth als Elsa, Sieglinde en de derde Norn in ‘Götterdämmerung’. Verder zong zij in talrijke belangrijke operahuizen van de wereld, waaronder het Royal Opera House Covent Garden in Londen. Naast de genoemde partijen zong zij rollen als Aida, Desdemona in ‘Otello’, Elisabeth in ‘Don Carlos’, Leonora in Il Trovatore’, Amelia in ‘Un Ballo in Maschera’, Lady Macbeth, de Marschallin in ‘Der Rosenkavalier’, Senta in ‘Der fliegende Holländer’, Tosca, Donna Anna in ‘Don Giovanni’ en Micaëla in ‘Carmen’. Toen in 1973 de Noorse Academie voor Muziek werd opgericht in 1973 werd Nordmo Løvberg aangesteld als de eerste professor zang van het land. Van 1978 tot 1981 was ze directeur van de Noorse Nationale Opera. In 2008 werd de biografie ‘Åse Nordmo Løvberg; et sangerliv’ van Guri Sandvik uitgegeven. Åse Nordmo Løvberg overleed op vrijdag 25 januari 2013 in haar woonplaats Lillehammer.

Mezzosopraan Risë Stevens overleden (99)

Op 20 maart 2013 is de Amerikaanse mezzosopraan Risë Stevens overleden.

Rise Stevens_Carmen_1952Risë Stevens werd op 11 juni 1913 in New York geboren. Zij studeerde drie jaar aan de Juilliard School of Music en daarna verder in Wenen. In 1936 maakte zij haar operadebuut in de titelrol van ‘Mignon’ van Thomas in Praag en op 22 november 1938 maakte zij haar debuut bij de Metropolitan Opera van New York in Philadelphia als Octavian in ‘Der Rosenkavalier’. Zij werd de grote mezzosopraan van de Met en gaf er haar afscheid na 350 voorstellingen op 12 april 1961 met haar succesrol Carmen, de partij die zij in 1951 voor RCA in de studio op had genomen. Risë Stevens zong in alle grote operahuizen van de wereld rollen als Orfeo in ‘Orfeo ed Euridice’ van Gluck (opname op RCA, 1957), Hänsel in ‘Hänsel und Gretel’ van Humperdinck (opname op EMI, 1947), Marfa in ‘Khovanshchina’ van Moessorgsky, Cherubino in ‘Le Nozze di Figaro’ van Mozart (opname op EMI, 1955), Giulietta in ‘Les Contes d’Hoffmann’ van Offenbach, Laura in La Gioconda van Ponchielli, Dalila in ‘Samson et Dalila’ van Saint-Saëns, Orlovsky in ‘Die Fledermaus’ van Johann Strauss jr, Octavian in ‘Der Rosenkavalier’ van Richard Strauss en Fricka in ‘Der Ring des Nibelungen’ van Wagner. Verder wekte zij mee aan een aantal films, waaronder ‘The Chocolate Soldier’ in 1941 met Nelson Eddy en ‘Going My Way’ in 1944 met Bing Crosby. Ook zong zij in musicals, zoals Anna in ‘The King and I’ en Lisa in ‘Lady in the Dark’. Na haar afscheid was zijtot 1966 General Manager of the Metropolitan Opera National Company en daarna gaf zij les. Risë Stevens overleed in haar huis in Manhattan minder dan drie maanden voor haar 100ste verjaardag.

Mezzosopraan Mimi Aarden overleden (89)

Op haar verjaardag 3 mei 2013 is de Nederlandse mezzosopraan Mimi Aarden overleden.

Mimi AardenMimi Aarden werd op 3 mei 1924 in Steenbergen geboren. Zij studeerde aan het conservatorium van Amsterdam bij Ruth Horna en Daniella Lohoff en maakte haar operadebuut in 1948 in de titelrol van ‘Carmen’ te Antwerpen. Haar Nederlandse debuut was op 19 maart 1953 als Derde Dame in ‘Die Zauberflöte’ van Mozart bij de Utrechtse Opera. Een jaar later zong zij op 25 maart 1954 al de titelrol in ‘Carmen’ van Bizet bij De Nederlandsche Opera. In het seizoen 1955 / 1956 was zij verbonden aan de Städtischen Oper van Berlijn. Zij werkte in 1957 mee aan een radio-opname van ‘Hérodiade’ van Massenet, waarin zij de titelrol zong (CD label Malibran). Zij maakte in 1958 haar debuut in het Royal Opera House Covent Garden van Londen als Amneris in ‘Aida’. In het seizoen 1958 / 59 was zij te horen als Marcellina in ‘Le Nozze di Figaro’ in het Holland Festival onder leiding van Carlo Maria Giulini (CD label Verona) en verder dat seizoen verbonden aan het opera Keulen. Van 1960 tot 1964 was zij geëngageerd aan de Staatsopera van Hamburg, waar zij onder andere de rol van Kurfürstin zong in de première van ‘Der Prinz von Homburg’ van Henze. Tussendoor zong zij in het seizoen 1962 / 63 in Luik de rol van Azucena in ‘Il Trovatore’. Zij werkte in 1964 mee aan een radio-opname van ‘La Dame Blanche’ van Boieldieu (CD label Golden Melodram). Op 16 juni 1965 zong zij De Profetes in de wereldpremière van ‘De Droom’ van Ton de Leeuw in het kader van het Holland Festival en op 6 november van dat jaar trad zij op bij de VARA-Matinee als La Principessa di Bouillon in ‘Adriana Lecouvreur’ van Cilea naast Magda Olivero in de titelrol (CD label Opera Fanatic). In 1971 zong zij haar laatste rol op het toneel als Czipra in ‘Der Zigeunerbaron’ van Johann Strauss jr. bij De Nederlandse Operastichting. Haar andere grote rollen waren de Verdi-partijen van Maddelena in ‘Rigoletto’, Preziosilla in ‘La Forza del Destino’, Eboli in ‘Don Carlos’ (CD label www.houseofopera.com), Emilia in ‘Otello’ en Ulrica in ‘Un Ballo in Maschera’. Mimi Aarden overleed in haar woonplaats Breda.

Tenor Albert Lance overleden (86)

Op 15 mei 2013 is de Australisch Franse tenor Albert Lance overleden.

Albert LanceAlbert Lance werd op 12 juli 1925 in de Zuid-Australische plaats Menindee geboren en studeerde zang aan het Melbourne Music Conservatory. Hij maakte in 1950 zijn debuut bij de Melbourne Opera als Cavaradossi in ‘Tosca’ van Puccini en zong er in 1953 de titelrol in ‘Les Contes d’Hoffmann’ van Offenbach ter ere van het bezoek van Queen Elizabeth II. De zangpedagoog Dominique Modesti nodigde Lance uit om bij hem in Frankrijk te studeren en in 1955 maakte de tenor zijn debuut in Parijs bij de Opéra-Comique als Cavaradossi en een jaar later zong hij met succes voor het eerst bij de Opéra de Paris in het Palais Garnier in de titelrol van ‘Faust’. Hij maakte zijn Amerikaanse debuut in 1961 in San Francisco in de wereldpremière van ‘Blood Moon’ van Norman Dello Joio. In 1967 werd Lance Frans staatsburger. Hij was van 1973 tot 1977 vast ensemblelid van de Opéra National du Rhin in Straatsburg en na het beëindigen van zijn carrière in 1977 doceerde Lance aan het conservatorium van Nice en later van Antibes. Hij was tot kort voor zijn overlijden actief voor zijn eigen Albert Lance Lyric Theatre Company, dat opera’s opvoerde in Frankrijk en de carrières van veel operazangers aanmoedigde. Zijn internationale loopbaan bracht Lance naar steden als Buenos Aires, Leningrad, Londen, Los Angeles, Philadelphia en Wenen. Hij zong grote Franse rollen als Roméo in ‘Roméo et Juliette’ van Gounod, Grieux in ‘Manon’ van Massenet en Don José in ‘Carmen’. Hij had ook veel succes in het Italiaanse repertoire, zoals de Duca in ‘Rigoletto’ van Verdi, Alfredo in ‘La Traviata’ van Verdi, Turiddu in ‘Cavalleria Rusticana’ van Mascagni en Canio in ‘Pagliacci’ van Leoncavallo. Lance maakte een aantal studio-opnamen, waaronder ‘Madama Butterfly’ van Puccini in 1956 voor het label Pathé, in mei 1957 nam hij voor het Franse EMI label een solorecital op onder leiding van dirigent Albert Wolff, ‘Tosca’ in 1958 voor het label Adès, hoogtepunten van ‘Hérodiade’ van Massenet in 1963 voor het Franse EMI label,‘Werther’ van Massenet in 1964 voor Adès en in 1969 ‘Padmâvatî’ van Roussel voor het label MRF. Lance is op de EMI DVD ‘La Callas… Toujours’ te bewonderen naast Maria Callas in de tweede akte van ‘Tosca’ tijdens haar debuut op 19 december 1958 in Parijs en tijdens dat concert eveneens te horen in het “Miserere” uit ‘Il Trovatore’ van Giuseppe Verdi. Zijn biograaf liet weten, dat de zanger al geruime tijd ziek was. Albert Lance overleed in de Franse plaats Colomars aan de gevolgen van chronische hartproblemen.

Sopraan Dorothea Siebert overleden (91)

Op 30 mei 2013 is de Duitse sopraan Dorothea Siebert overleden.

Dorothea SiebertDorothea Siebert werd op 11 oktober 1921 in Königsberg in Beieren geboren. Zij studeerde in Berlijn en Wenen en maakte haar debuut in 1943 in het Stadttheater von Marburg a.d. Drau (Maribor) in Slowenië. Zij zong tussen 1945 en 1948 in Klagenfurt, van 1948 tot 1951 in Graz en van 1951 tot 55 aan de Wiener Staatsoper. Van 1956 tot 1964 was zij ensemblelid van de Deutsche Oper am Rhein in Düsseldorf en Duisburg en tussen 1964 en 1975 van het operahuis van Zürich. Gastoptredens brachten haar naar de Royal Opera van Londen, het Teatro San Carlo van Napels, naar Rome, Brussel, München en Paris. Meerdere malen werkte zij mee aan de Salzburger Festspiele, onder andere in 1956 in ‘La Finte Semplice’ van Mozart en op 14 augustus 1952 in de wereldpremière van ‘Die Liebe der Danaë’ van Richard Strauss. Tussen 1954 en 1971 trad zij tijdens de Bayreuther Festspiele gedurende 17 seizoenen als Bloemenmeisje in ‘Parsifal’ op, zong in 1957, 1958, 1960 en tussen 1965 en 1969 Woglinde en in 1958 en 1960 de Waldvogel in ‘Der Ring des Nibelungen’. Dorothea Siebert overleed in de Noord-Duitse plaats Strande bij Kiel.

Bariton Udo Reinemann overleden (70)

Op 14 juli 2013 is de Duitse bariton Udo Reinemann overleden.

Udo ReinemannUdo Reinemann werd op 6 augustus 1942 in de Duitse plaats Labbeck geboren. Hij studeerde aan de Academie voor Muziek in Wenen, aan het Mozarteum in Salzburg en vervolgens in Parijs bij Germaine Lubin en Pierre Bernac en later bij Ré Koster en Otakar Kraus. Hij gaf zijn eerste recital in 1967 in Bordeaux en hij won in 1970 een beurs van de Fondation Sacha Schneider in Parijs en een medaille op het Concours de Genève. In opera was Reinemann niet veel te horen. In 1977 zong hij de titelrol in de wereldpremière van de opera ‘Nietzsche’ van Adrienne Clostre in Parijs en in 1979 werkte hij eveneens in Parijs mee aan de wereldpremière  van de opera ‘My Chau Trong Thuy’ van Nguyen Thien Dao. Tevens nam hij in 1980 de rol van Julien op in de opera ‘Le Sorcier’ van François André Philidor voor het label Arion. Verder was Reinemann de eerste uitvoerende van liederen van componisten als Henri Sauguet, Xavier Darasse en Gérard Victory. Ook was hij de eerste zanger die de postuum uitgebrachte liederen van Hugo Wolf en Clara Schumann opnam. Uiteindelijk maakte Reinemann meer en meer een reputatie als zangpedagoog op internationaal niveau. Hij was als pedagoog verbonden aan het Conservatorium van Utrecht, het Conservatorium van Amsterdam en aan het Conservatoire National de la Région in Metz en hij gaf vele masterclasses in Nice, Parijs, Londen en de Verenigde Staten.

Nelly Morpurgo overleden (79)

Op 28 juli 2013 is de Nederlandse sopraan Nelly Morpurgo overleden.

Nelly MorpurgoNelly Morpurgo werd op 3 maart 1934 als Pieternella Johanna Morpurgo in Amsterdam geboren en studeerde zang bij onder anderen Coby Riemersma. Al op 16 april 1960 zong zij in het Concertgebouw van Amsterdam de rol van Brigita in ‘Iolanta’ bij de VARA-Matinee naast Gerry de Groot in de titelrol. Nelly Morpurgo maakte haar debuut op 3 november 1961 bij de toenmalige De Nederlandse Opera te Amsterdam als de Zweite Knabe in ‘Die Zauberflöte’ van Mozart. In 1965 ging het gezelschap over in De Nederlandse Operastichting, waar Nelly Morpurgo hoofdrollen ging zingen. In totaal zong Nelly Morpurgo bij DNO in zo’n 65 producties. Haar grote successen waren er als Judith in ‘Blauwbaards Burcht’ van Bartók (1973, 1975 en 1977) en als Fenena in ‘Nabucco’ van Verdi (1971, 1972 en 1975). Tevens gasteerde Nelly Morpurgo enkele malen in de operastudio van De Munt Opera van Brussel. Daar zong zij in 1967 de rol van de Gravin in ‘Le Nozze di Figaro’ van Mozart en de partij van Fifi Ficelle in ‘Chambre Séparée’ van de componist Temple Abady. In 1980 werkte Nelly Morpurgo mee aan de scenische wereldpremière van de opera ‘Thijl’ van Jan van Gilse in de rol van Gilline in het kader van het Holland Festival. Zij in 1982 en 1983 op het prestigieuze Glyndebourne Festival te horen als Fata Morgana in 21 voorstellingen van ‘The Love of Three Oranges’ van Prokofiev onder leiding van Bernard Haitink. Van deze productie is een opname op DVD uitgebracht en Glyndebourne heeft plannen om de uitvoering binnenkort op CD uit te brengen. Haar laatste optreden was in 1986 bij De Nederlandse Operastichting als de waarzegster in ‘Arabella’ van Richard Strauss. Nelly Morpurgo was al enige tijd ernstig ziek en verbleef in een verzorgingshuis in IJmuiden. Daar overleed zij aan hartfalen en in stilte is zij op 29 juli 2013 gecremeerd.

Mezzosopraan Regina Resnik overleden (90)

Op 8 augustus 2013 is de Amerikaanse mezzosopraan Regina Resnik overleden.

Regina_ResnikRegina Resnik werd op 30 augustus 1922 in New York geboren. Zij maakte haar debuut als Lady Macbeth bij de New Opera Company van New York in december 1942 onder leiding van Fritz Busch. Zij debuteerde in de Metropolitan Opera van New York als invalster voor Zinka Milanova in de rol van Leonora in ‘Il Trovatore’ van Verdi op 6 december 1944. Zij zou in de Met 326 voorstellingen zingen. Vanaf midden jaren vijftig begon Regina Resnik mezzopartijen te zingen. Zij maakte haar debuut in de Royal Opera House van Londen in oktober 1957 als Carmen. Verder zong zij in La Scala van Milaan, de Opéra van Parijs, Salzburg, Napels, Wenen, Bayreuth, Madrid, Buenos Aires, München, Berlijn en Brussel. Vanaf de jaren zeventig maakte zij naam als regisseuse. Tevens gaf zij masterclasses en was zij een veelgevraagd docente aan de Met, in Salzburg, Canada, Opéra Bastille, de Juilliard School en Italië. Zij zong met alle belangrijke dirigenten van haar tijd, waaronder Otto Klemperer, Erich Leinsdorf, Fritz Reiner, George Szell en Bruno Walter. Haar laatste optreden in een opera in de Met was op 14 oktober 1983 als Marquise de Berkenfield in ‘La Fille du Régiment’ en daarna werkte zij nog mee aan de 100ste verjaardag van de Met op 22 oktober 1983 en het Millenium Gala in de Met op 31 december 1999. De stem van Regina Resnik is vastgelegd in tien studio-opnamen: als de Barroness in ‘Vanessa’ van Barber (RCA), de titelrol van ‘Carmen’ (Decca), Madame Flora in ‘The Medium’ van Menotti (CBS), Orlofsky in ‘Die Fledermaus’ (Decca), Herodias in ‘Salome’ (RCA), Klytämnestra in ‘Elektra’ (Decca), de Gravin in ‘Pique Dame’ (DG), Ulrica in ‘Un Ballo in Maschera’ (Decca), Quickly in ‘Falstaff’ (CBS) en Brangäne in ‘Tristan und Isolde’ (Decca), maar ook op talloze live-opnamen. Regina Resnik overleed in Manhattan aan de gevolgen van een herseninfarct.

Tenor Spas Wenkoff overleden (84)

Op 12 augustus 2013 is de Bulgaarse tenor Spas Wenkoff overleden.

Spas WenkoffSpas Wenkoff werd op 23 september 1928 in Weliko Tarnowo geboren. Zijn oudere broer Wenko was een bekende tenor, die in het seizoen 1943/1944 bij de Weense Staatsopera zong. Spas Wenkoff studeerde ook zang, maar werkte eerst als advocaat. Hij werd na wat kleinere engagementen begin jaren zeventig vast gecontracteerd in Magdeburg en daarna Halle en hij was van 1976 tot 1984 ensemblelid van de Staatsoper Unter den Linden in Berlijn. Spas Wenkoff zong de grote partijen voor Heldentenor, waaronder Stolzing, Parsifal, Tannhäuser, Siegmund, Siegfried en Otello. Zijn glansrol was Tristan en hij zong de partij zo’n 450 maal. Bij de Bayreuther Festspielen was hij vijf seizoenen als Tristan te horen (in 1976, 1977, 1982, 1983 en 1985). Als Tristan maakte hij ook zijn debuut in de Metropolitan Opera House van New York op 9 januari 1981. Verder zong hij aan de Wiener Staatsoper, de Deutsche Oper van Berlijn en in Dresden, Keulen en München. Op CD werden meerdere live-opnamen van Spas Wenkoff aangeboden, zoals ‘Tristan und Isolde’ op Myto (Bayreuth, 1976), door Deutsche Grammophon op DVD (Bayreuth, 1978), hoogtepunten bij Bella Voce (Amsterdam, 1974); ‘Tannhäuser’ op Gala (Berlijn, 1982) en een solo CD uit 1977 met studio-opnamen van fragmenten uit opera’s van Wagner. Door de webshop www.houseofopera.com worden nog vele andere live-opnamen aangeboden. Wenkoff nam afscheid van het toneel in 1993. Ter gelegenheid van zijn 80ste verjaardag verscheen in 2008 zijn autobiografie ‘Alles war Zufall’, waarvan de gesigneerde en gebonden editie slechts in een oplage van 100 exemplaren verscheen. Spas Wenkoff overleed in Bad Ischl.

Sopraan Lisa Otto overleden (93)

Op 18 september 2013 is de Duitse sopraan Lisa Otto overleden.

Lisa OttoLisa Otto werd op 14 november 1919 in Dresden geboren. Zij studeerde aan de Musikhochschule van Dresden bij Susanne Steinmetz-Prée en debuteerde in 1941 in Beuthen als Sophie in ‘Der Rosenkavalier’ van Richard Strauss. Zij bleef bij het operagezelschap tot 1944, zong in het seizoen 1944/1945 in Neurenberg, daarna zes seizoenen in Dresden en van 1951 tot haar afscheid in 1985 bij de Deutsche Oper van Berlijn. Lisa Otto Zij zong met name soubretterollen en partijen voor lyrische coloratuursopraan, zoals de Mozart-partijen van Blondchen, Despina, Papagena, Susanna en Zerlina en verder rollen als Marzelline, Ännchen en Gretel. Zij was te horen in wereldpremières van de opera’s ‘Alkmene’ van Giselher Klebe op 25 september 1961 in Berlijn en ‘Der junge Lord’ en ‘Die heimliche Ehe’ van Hans Werner Henze. Daarnaast gaf zij gastoptredens in de Weense Staatsopera, de Salzburger Festival, La Scala in Milaan, de l’Opéra van Parijs en het Glyndebourne Festival Opera. In Nederland zong zij in juli 1967 in ‘Elegie für junge Liebende’ van Henze tijdens gastvoorstellingen van de Deutsche Oper Berlin in het kader van het Holland Festival. In 1985 nam zij na een carrière van 44 jaar afscheid van het operatoneel met de altpartij van de Witwe Browe in ‘Zar und Zimmermann’ van Lortzing bij de Deutsche Oper. Lisa Otto overleed in haar slaap in haar woonplaats Berlijn.

Mezzosopraan Oralia Domínguez overleden (88)

Op 25 november 2013 is de Mexicaanse mezzosopraan Oralia Domínguez overleden.

Oralia DominguezOralia Domínguez werd op 25 oktober 1925 in Mexico geboren. Zij studeerde aan het Conservatorio Nacional de Música en maakte haar operadebuut in in 1945 in het Palacio de Bellas Artes van Mexico City in de rol van Un Musico in ‘Manon Lescaut’ van Puccini. In 1951 zong zij in Mexico City de rol van Amneris in de befaamde uitvoering van ‘Aida’ naast Maria Callas in de titelrol. In 1953 maakte zij haar Europese debuut in de Wigmore Hall van Londen en in datzelfde jaar zong zij voor het eerst in de Scala van Milaan als de Princesa de Bouillon in ‘Adriana Lecouvreur’ van Cilea. Zij maakte haar debuut in de Royal Opera House Covent Garden van Londen in 1955 als Madame Sosostris in de wereldpremière van ‘A Midsummer Marriage’ van Tippett. Vanaf 1960 was zij ensemblelid van de Deutsche Oper am Rhein in Düsseldorf. De stem van Oralia Domínguez is in de studio vastgelegd op opnamen van integrale opera’s als ‘Aida’ (Amneris, Preiser), ‘L’Incoronazione di Poppea’ (Arnalta, EMI), ‘La Gioconda’ (La Cieca, Decca), ‘Das Rheingold’ (Erda, DG), ‘Siegfried’ (Erda, DG) en ‘Il Tabarro’ (La Frugola, RCA). Verder zijn er zo’n 35 live en radio-opnamen van haar in opera’s. In Nederland in 1967 in de rol van Una Messaggera in ‘L’Orfeo’ van Monteverdi in het kader van het Holland Festival, in de seizoensopening van De Nederlandse Operastichting van 1968 / 1969 als Ulrica in ‘Un Ballo in Maschera’ van Verdi en in dat seizoen als Erda in ‘Das Rheingold’ opnieuw in het kader van het Holland Festival. In 1982 gaf zij haar laatste optreden in het Palacio de Bellas Artes van Mexico City in het ‘Messa da Requiem’ van Verdi. Oralia Domínguez overleed in Milaan.

Bariton Tom Krause overleden (79)

Op 6 december 2013 is de Finse bariton Tom Krause overleden.

Tom KrauseTom Krause werd op 5 juli 1934 in Helsinki geboren. Hij beëindigde zijn studie geneeskunde om zang te gaan studeren aan de Wiener Musikakademie. Hij maakte zijn professionele operadebuut als Escamillo in ‘Carmen’ van Bizet in 1959 en werd daarna ensemblelid bij de Staatsopera van Hamburg. Krause maakte in 1962 zijn eerste én laatste optreden in Bayreuth als Der Heerrufer in ‘Lohengrin’ en in 1963 zijn Engelse debuut in Glyndebourne als de Graf in ‘Capriccio’ van Richard Strauss. Benjamin Britten koos hem voor de Amerikaanse première van het ‘War Requiem’ op het Tanglewood Summer Festival in 1963. In Nederland zong Krause in 1966 de rol van de Conte in ‘Le Nozze di Figaro’ van Mozart bij De Nederlandse Operastichting. Op 11 oktober 1967 volgde zijn debuut aan de Metropolitan Opera van New York als de Conte in ‘Le Nozze di Figaro’. In 1968 was hij voor het eerst te horen tijdens de Salzburger Festspiele, toen hij Nicolai Ghiaurov verving in de titelrol van ‘Don Giovanni’ van Mozart. In het jaar 1973 maakte Krause zijn debuut in La Scala van Milaan, bij de Opéra van Parijs en de Royal Opera House Covent Garden van Londen. In 1992 was hij nog terug in Nederland als Don Alfonso in ‘Così fan tutte’ bij De Nederlandse Opera. Tom Krause zong in zo’n 80 operarollen, waaronder – behalve voorgenoemde – baritonpartijen in ‘L’Elisir d’Amore’, ‘Don Pasquale’, ‘Rigoletto’, ‘La Traviata’, ‘Fidelio’, ‘Tannhäuser’, ‘Tristan und Isolde’, ‘La Bohème’, ‘Andrea Chénier’ en ‘Faust’. Hij werkte mee aan de wereldpremières van ‘Der Goldene Brock’ van Ernst Krenek (Hamburg, 16 juni 1964) en ‘Hamlet’ van Humphrey Searle (Hamburg, 4 maart 1968) en Samuel Barber componeerde de baritonpartij in zijn ‘The Lovers’ (Philadelphia, 22 september 1971) voor hem. Tom Krause maakte meer dan 100 opnamen. Zijn bariton is in de studio vereeuwigd in rollen als Malatesta in ‘Don Pasquale’ van Donizetti (DG), Pizzarro in ‘Fidelio’ van Beethoven (Decca), Ping in ‘Turandot’ van Puccini (Decca), Guglielmo in ‘Così fan tutte’ (Decca) en Orest in ‘Elektra’ van Richard Strauss (Decca). Sinds de jaren tachtig gaf Krause les aan diverse zangacademies, waaronder Helsinki, Hamburg en Madrid. Hij nam in 2002 afscheid van het opera- en concertpodium met de rol van Moses in ‘Moses und Aron’ van Schönberg in Palermo. Tom Krause overleed in Hamburg.

Sopraan Marta Eggerth overleden (101)

Op 26 december 2013 is de Hongaarse sopraan Marta Eggerth overleden.

Marta EggerthMarta Eggerth werd geboren op 17 april 1912 in Boedapest geboren. De componist Emmerich Kálmán nodigde haar eind jaren twintig uit naar Wenen alsunderstudy voor de hoofdrol in zijn operette ‘Das Veilchen vom Montmartre’ en vervolgens viel zij met groot succes in voor Adele Kern. Daarna zong zij in 1929 op 17-jarige leeftijd in Hamburg de rol van Adele in ‘Die Fledermaus’ van Johann Strauss II. Componisten als Franz Lehár, Fritz Kreisler, Robert Stolz, Oscar Straus en Paul Abraham schreven speciaal werken voor haar. Begin jaren dertig werd Marta Eggerth ontdekt door de filmindustrie en uiteindelijk zou zij meer dan 40 films in vijf talen maken. In 1936 ontmoette zij de Poolse tenor Jan Kiepura op de set van de operettefilm ‘Zauber der Bohème’ en nog in datzelfde jaar trouwde zij met hem.  In 1938 na de “Anschluss” van Oostenrijk vluchtten de Joodse Eggerth en Kiepura naar Amerika, waar Kiepura een contract kreeg bij de Metropolitan Opera House van New York. Kiepura overleed in 1966. Na zijn dood stopte Eggerth tijdelijk met zingen, maar pakte een paar jaar later haar carrière weer op. In 1999 – op 87-jarige leeftijd – zong zij in de Weense Staatsopera nog een operettemedley in vier talen ter gelegenheid van het jubileum van de eerste productie van ‘Die lustige Witwe’. In 2005 bracht het label Patria Productions een dubbel CD uit met een overzicht van haar opnamen van 1932 tot 2002. Marta Eggerth overleed vredig in een huis in Rya, zo’n 25 kilometer ten noorden van New York.

Sopraan Gianna d’Angelo overleden (84)

Op 27 december 2013 is de Amerikaanse coloratuursopraan Gianna d’Angelo overleden.

Gianna_DangeloGianna d’Angelo werd op 18 november 1929 als Jane Angelovich in Hartford, Connecticut, geboren. Zij studeerde aan de Juilliard School in New York City bij de beroemde bariton Giuseppe De Luca. Begin jaren vijftig ging zij naar Italië om te studeren bij de coloratuursopraan Toti Dal Monte, die haar aanraadde haar naam te veranderen. Gianna d’Angelo maakte haar professionele operadebuut in 1954 in de Terme di Caracalla van Rome als Gilda in ‘Rigoletto’ van Verdi. Daarna zong zij al snel in alle grote operahuizen van Italië. Zij maakte haar debuut aan de Metropolitan Opera van New York op 5 april 1961 als Gilda en zong in de Met gedurende acht seizoen 44 voorstellingen met zeven rollen: Lucia di Lammermoor, Zerbinetta, Rosina in ‘Il Barbiere di Siviglia’, de Koningin van de Nacht, Amina in ‘La Sonnambula’ en Norina in ‘Don Pasquale’. In 1970 begon zij les te geven aan de Jacobs School of Music van de University of Indiana in Bloomington en nam daar in 1997 afscheid als professor emeritus. Gianna d’Angela maakte een aantal studio-opnamen. Zo is zij te horen als Musetta in ‘La Bohème’ (Decca), Rosina (DG), Olympia in ‘Les Contes d’Hoffmann’ (EMI) en Gilda (Philips) en er zijn opnamen van haar in live-uitvoeringen als Norina (Verona, 1963; Edinburgh 1963), Juliette in ‘Roméo et Juliette’ van Gounod (Philadelphia, 1964), Gilda (Met, 1964) en Elvira in ‘I Puritani’ (Trieste, 1966). Gianna d’Angelo overleed na een aantal jaren van teruglopende gezondheid in het verzorgingshuis Lawyers Glen Assisted Living in Mint Hill bij Charlotte, North Carolina. Zij werd op 30 december 2013 op de begraafplaats van Rocky River Presbyterian Church in Concord bijgezet. Zij liet geen kinderen na.

Home, Necrologie