RECENSIE: Gluck – Armide

DRAMATURGISCH

1. Wordt er een verhaal verteld?
– De Nederlandse Opera (DNO) brengt een nieuwe productie van ‘Armide’ (Parijs, 1777) van Christoph Willibald von Gluck (1714 – 1787). De Australische regisseur Barrie Kosky (1967, Melbourne) tekent voor de regie. Kosky heeft een uitzonderlijk komisch talent. Dat zou prima geschikt zijn geweest voor het “drama héroïque” ‘Armide’, maar dat talent komt hier helaas niet uit de verf. Kosky’s enscenering van ‘Armide’ is braaf en vooral in de eerste drie bedrijven simpelweg saai. De toeschouwer kan uit de enscenering zelf niet destilleren waar het verhaal over gaat en zou zonder voorbereiding of boventiteling verloren zijn. 
**

2. Komt de enscenering overeen met het libretto?
– De enscenering volgt het libretto. Kosky brengt geen nieuwe veranderingen aan, maar laat ook veel mogelijkheden liggen om scènes in te vullen. 
***

3. Hoe is de integratie regie – muziek?
– 
Op de momenten dat de muziek spannend wordt – zoals in de tweede akte als Armide de demonen oproept en in de tweede akte in de scène van La Haine – vindt men de opwinding niet terug in de regie. **

4. Hoe is de esthetiek en functionaliteit van de vormgeving?
– Het decor is gedurende alle vijf akten een gehobbelde grond met boom
. Het in en uit rennen van zangers en koorleden door het water en het gedwarrel van roze en gouden confetti geven kort een aardig effect, maar het gaat op den duur vervelen en het voegt weinig toe. Het dansen van het koor tijdens de “air sicilien” van de laatste akte was ook niet erg vindingrijk. **

MUZIKAAL

5. Is men trouw aan de muziek of zijn er veranderingen?
– ‘Armide’ wordt met een aantal kleine coupures – opvallend het geschrapte recitatief van Armide in de eerste scène van de laatste akte – opgevoerd. 
***

6. Zijn de zangers rollendekkend?
– De Canadese sopraan Karina Gauvin (titelrol) heeft een stem als een klok, maar laat hem bij de première nog te weinig luiden. Luister naar de opname van Felicity Palmer. Frédéric Antoun (Renaud) was bij de première verkouden en stopte zijn stem in zijn neus, maar beschikt over een fraaie tenor. 
***

7. Is de dirigent betrokken bij het podium?
– De muzikale leiding is in handen van de Engelse dirigent Ivor Bolton. Bolton boetseert helaas de tonen te weinig en de klank en het samenspel zijn niet verzorgd of doorschijnend. 
***

8. Vormen de (koor- en) orkestleden onderling en samen een eenheid?
– Het Nederlands Kamerorkest – niet op authentieke instrumenten – speelt niet nauwkeurig en communiceert muzikaal niet sterk. Ook was het Koor van De Nederlandse Opera vaak niet gelijk met het orkest. 
***

ALGEMEEN

9. Is de productie onderscheidend of spraakmakend?
– Vaak zijn producties van Barrie Kosky opmerkelijk en saillant, maar deze ‘Armide’ is jammer genoeg slechts braaf en vooral saai. 
**

10. Is de productie artistiek innovatief?
– Er zijn geen bijzonder ideeënrijke of verrassende momenten. De opvoering is derhalve 
niet vernieuwend. **

11. Is er Nederlandse betrokkenheid bij de productie (zangers, regisseur, ontwerpers, dirigent)?
– DNO heeft drie Nederlandse zangers kunnen bezetten: Karin Strobos is een opvallende Phénice en zingt met
Julia Westendorp de Coryphées. Henk Neven maakt indruk in de dubbelrol als Ubalde en Aronte. Helaas is van zijn muziek in de vierde akte meer dan de helft geschrapt. ***

12. Hoe is het bezoekersaantal in verhouding tot de zaalcapaciteit?
– Van de 1400 plaatsen waren zo’n 50 à 100 stoelen nog leeg. Het is opmerkelijk, dat een première én matinee van DNO niet uitverkocht is. 
***

De Nationale Opera, Home