RECENSIE: Glass – Le Streghe di Venezia

© Hans van den Bogaard

Low-budget ‘Heksen van Venetië’ betovert niet

Kinderopera’s zijn in de mode. Ooit begon het met ‘Where The Wild Things Are’ van Oliver Knussen en inmiddels zijn werken als ‘The Adventures of Pinocchio’ van Jonathan Dove, ‘The Little Prince’ van Rachel Portman en ‘The Golden Ticket’ van Peter Ash grote hits bij het publiek. Het Muziektheater en De Nederlandse Opera meenden te scoren – wellicht om subsidieredenen – met de kinderopera ‘Le Streghe di Venezia’ van Philip Glass, maar de productie mist helaas de betovering en de zaal is slechts voor een kwart gevuld.

In 1995 ging de kinderopera ‘Le Streghe di Venezia’ van Philip Glass in wereldpremière in de Scala van Milaan. De opera is gebaseerd op het kinderboek van de Italiaanse kostuum- en decorontwerper en kinderboekenschrijver en – illustrator Beni Montresor (1926-2001), die ook het libretto schreef. Het verhaal volgt een eenzame jongen, die – als zoon afgewezen door de koning van Venetië – op zoek gaat naar een meisje, dat net zoals hij is ontstaan uit een plant en daarbij in avonturen terechtkomt vol fantasie, magie, monsters, feeën en heksen. Het is een charmant verhaal over vriendschap en avontuur en heeft als boodschap dat kinderen gekoesterd dienen te worden, niemand afgewezen mag worden omdat hij anders is en inbeeldingsvermogen de sleutel is tot vrijheid. In tegenstelling tot andere opera’s van Philip Glass is ‘Le Streghe di Venezia’ een kleinschalig en minder serieus werk, dat Glass zelf overigens indeelt in de categorie theater en niet zozeer schaart onder opera. ‘Le Streghe di Venezia’ is één van zijn meest creatieve werken. Het bestaat uit 24 korte scènes en is traditioneel. De eenvoudige melodieën en versieringen zorgen ervoor, dat het kinderen aanspreekt en de kleurrijke, versterkte geluidseffecten dragen bij aan het magische en bovennatuurlijke aspect van het verhaal. Synthesizers hebben een groot aandeel in de partituur, geven een moderne structuur aan en houden het doorschijnend. De stem wordt daarbij gebruikt als aanvulling van het klankspectrum met gevoel.

Het Muziektheater en De Nederlandse Opera hebben een twee jaar oude productie van ‘Le Streghe di Venezia’ uit Rome naar Nederland gehaald, die vorige maand nog te zien was op het Ravenna Festival in Italië. De kinderopera wordt in een Nederlandse vertaling van Ike Cialona als ‘De Heksen van Venetië’ opgevoerd. In die vertaling komen de klemtonen soms op de verkeerde lettergrepen te liggen en men kan discussiëren over het gebruik van een woord als “sletten” in een kinderopera. De schijnbaar low-budget enscenering van regisseur Giorgio Barberio Corsetti is wisselvallig en houdt zo’n beetje het midden tussen circus en toneel. De enscenering heeft echter geen betovering. Er is geprobeerd de enscenering een soort eigentijds jasje mee te geven, maar men kan zich afvragen of de travestie, het alcoholisme, de nicotineabusus, flipmessen, hakbijlen en pistolen voor jonge kinderen geschikt zijn. Er worden nauwelijks felle, primaire kleuren gebruikt – slechts in de fraaie projectie, die aan weerszijden van het toneel wordt gemaakt – en het decor is een groot, kaal toneel. Het Muziektheater is te groot voor een dergelijk intiem werk en de zaal was dan ook slechts voor een kwart gevuld.

De zangers worden versterkt en dat brengt de stem directer bij de luisteraar. De jonge, Nederlandse zangers zetten met plezier en overtuiging hun personage neer. Tenor Jean-Léon Klostermann is de gefrustreerde koning van Venetië, de in Nederland woonachtige bas Niklaus Kost is het monster in travestie, sopraan Marieke Steenhoek is de moederheks en de mezzosopraan Cécile van de Sant is kostelijk als de alcoholische huishoudster. Bewonderenswaardig ook het meisje, dat aan de zijkant van het toneel uit haar hoofd het verhaal vertelt. Dirigent Tonino Battista en het ensemble Parco della Musica Contemporanea spelen de basale ritmen en herhalingen en de veranderende, harmonische frasen en draaiingen van Glass energetisch. Zo wordt de aankomst van de heksen met brutale percussie, elektronische geluidsflitsen en rauwe staccati met dramatiek bejegend. En de kids van Het Nieuw Amsterdams Kinderkoor zijn prachtig gedisciplineerd. Aan hen heeft het niet gelegen.

De Nationale Opera, Home