RECENSIE: Conti – Don Chisciotte in Sierra Morena

© Rupert Larl

Veel geneuzel in onduidelijk verhaal

Pierre Audi’s Holland Festival heeft al lang niet meer de innovatieve naam en faam, die het nationaal en internationaal ooit bezat. Zo moest men het vorig jaar onder andere doen met een overbodige opvoering van ‘Carmen’ en dit seizoen staan oude producties van de opera’s ‘Curlew River’ van Britten en ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ van Conti op het programma. De enscenering van ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ was in 2005 al tijdens de Innsbrucker Festwochen der Alten Musik in Tirol te zien. En de reacties van publiek en recensenten waren toen gemengd.

De opera ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ van de componist Francesco Conti (1681/2 – 1732) maakt een herontdekking door. De Italiaan Conti werkte het grootste gedeelte van zijn leven aan het Keizerlijke Hof van Wenen en was befaamd en gerespecteerd. Hij was één van de best betaalde musici in Wenen, die zijn werken – omdat hij het kon betalen – met de beste zangers bezette. ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ werd in 1719 voor het eerst in Wenen opgevoerd. Het was een enorm succes, werd zelfs vertaald in het Duits en zo’n 25 keer buiten Wenen opgevoerd. De tragikomedie combineert elementen van de opera seria en een vorm van komedie. Niet alleen combineert het deze onderdelen, maar het maakt ook bepaalde onderdelen van de opera seria belachelijk. Conti’s stijl en vorm zijn niet verrassend, maar zijn melodische vindingrijkheid is opvallend.

De herontdekking van ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ begon in 1987 tijdens het Festival de Buxton in een uitvoering van dirigent Anthony Hose. Vijf jaar later presenteerde René Jacobs de opera voor het eerst tijdens de Innsbrucker Festwochen der Alten Musik in Tirol, waar hij ruim tien jaar artistiek directeur zou zijn. In Nederland werd zij voor het eerst opgevoerd in 2002 tijdens het Utrechtse Festival voor Oude Muziek door dirigent Jos van Veldhoven met het Utrechts Barok Consort en onder anderen de Nederlandse zangers Anne Grimm als Lucina en Maritorne, Sytse Buwalda als Cardenio en Rigo, Bernard Loonen als Don Chisciotte en Marc Pantus als Sancio. Vijf jaar geleden dirigeerde René Jacobs ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ weer in Innsbruck in een enscenering van de Engelse regisseur Stephen Lawless. Die oude productie wordt nu tijdens Pierre Audi’s Holland Festival 2010 opnieuw opgevoerd.

In deze uitvoering is de opera door coupures teruggebracht naar nog geen drie uur muziek. Stephen Lawless (1958) maakt met deze enscenering zijn DNO-debuut. Lawless spreidt graag “verleden, heden en toekomst” uit over zijn ensceneringen en zo ziet men aan het begin het einde. Daarnaast plaatst hij ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ in de literaire wereld vol beroemde personages. Rigo is Pinocchio, Ordogno is Kuifje en dr. Watson, Maritorne is Carmen, Lope is Sherlock Holmes, Lucinda is Alice in Wonderland. Niemand is meer wie hij is en dat maakt het verhaal volkomen onduidelijk. Maar Lawless is geestig, fantasievol en gedetailleerd en bekleedt de voorstelling met fraaie esthetiek, waardoor de opera uiteindelijk toch vermakelijk wordt.

De Akademie für Alte Musik Berlin revitaliseert de kleinste details van Conti’s muziek met toewijding en concentratie. Zij spelen zuiver en intensief. Dirigent René Jacobs levert een uitgewogen barokklank en is betrokken. Elke fermate klinkt bij hem tot in detail ingestudeerd en helaas verliest het daardoor iedere spanning en spontaniteit. Jacobs is waarschijnlijk ook de enige dirigent ter wereld, die de recitatieven meedirigeert. En hij neuriet ook luid met de zangers mee. Deze zangers zijn op hun beurt van wisselend niveau. Het is inmiddels een algemeen aanvaard gegeven, dat oude muziek meer geneuzeld dan gezongen wordt en dat gebeurt in deze ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ evenzeer, ook al geldt het gelukkig hier niet voor alle betrokken zangers. De Franse bariton Stéphan Degout als Don Chisciotte zingt zijn lijnen met volle stem inclusief coloraturen – zonder overigens de 16-den in zijn eerste aria – en een grote mogelijkheid tot kleuren. Gelukkig houden ook de twee Nederlandse sopranen de eer hoog. Johanette Zomer is fantastisch als de intrigante Ordogno. Haar aria “La femmina ingannata” in de vierde akte zingt zij werkelijk prachtig en ze geeft een spetterende uitvoering van haar finale-aria “Pronto, e presto al patrio tetto” in de laatste akte. Judith van Wanroij – als het sluwe dienstmeisje Maritorne – zingt gewoonweg geweldig in haar geestige finaleduetten met Sancio van de tweede en vierde akte en haar pasadoble met castañuelas is het hoogtepunt van de avond.

Het was een slecht bezochte premièreavond van ‘Don Chisciotte in Sierra Morena’ bij het Holland Festival 2010. En even gingen de gedachten terug naar de andere ‘Don Quijote’ van enkele weken geleden in Brussel. Van de uitzinnige taferelen die zich daar afspeelden en van zo’n tevreden publiek kan DNO slechts dromen…

De Nationale Opera, Home