RECENSIE: Rossini – Il Barbiere di Siviglia

© Deen van Meer

Hedonistische ‘Il Barbiere di Siviglia’ zonder charme bij Opera Zuid

Opera Zuid (OZ) toert met de ‘Il Barbiere di Siviglia’ van Gioacchino Rossini (1792 – 1868) door Nederland en brengt een onderhoudende fusie van het geestige libretto met de spontaniteit van Rossini’s meesterlijke muziek. Het OZ ensemble bestaat uit een grotendeels Nederlandse cast en de regisseur is de Nederlandse Jetske Mijnssen. Haar bedoeling wordt helaas niet helemaal duidelijk, want wilde zij slechts vermaken, dan is deze productie alleen geslaagd voor het grote publiek.

Rossini componeerde ‘Il Barbiere di Siviglia’ op 24-jarige leeftijd. Het was zijn 18e opera en hij zou in zijn Italiaanse periode nog 17 opera’s schrijven. Vervolgens vertrok hij naar Parijs waar hij tot zijn 37e nog vijf scheef om daarna geen opera’s meer te componeren en zich volledig toe te leggen op de kookkunst. Er bestaan anekdotes dat Rossini ‘Il Barbiere di Siviglia’ in 14 en zelfs 8 dagen zou hebben geschreven. De wereldpremière van 1816 in Rome was een spectaculair fiasco: Door incidenten tijdens de voorstelling, door de concurrentiestrijd tussen twee grote operahuizen in Rome en door de aanwezigheid van aanhangers van de componist Paisiello, die de uitvoering verstoorden om hun voorkeur voor diens gelijknamige opera kenbaar te maken, werd de eerste opvoering een regelrechte ramp.

Het verhaal mag bekend verondersteld worden: Graaf Almaviva probeert met behulp van de barbier Figaro en door middel van verschillende intriges zijn geliefde Rosina te schaken van haar dominante beschermheer dokter Bartolo. In muzikaal opzicht valt er veel te genieten bij deze productie van Opera Zuid (OZ). De Estlandse Helen Lepalaan is de vaste mezzo van het OZ ensemble en een zelfverzekerde en provocerende Rosina. Zij heeft een warme klank en haar ongekunstelde versieringen staan als een huis. De Poolse bas Piotr Micinski is een grappige dokter Bartolo, die zijn aria met precisie zingt. De Nederlandse bariton Willem de Vries is een levendige Figaro en zijn aria is gelijk een hoogtepunt. De Nederlandse bas Henk van Heijnsbergen zet een grandioze Don Basilio neer en geeft een prima voorbeeld van buffo zang. Volgend seizoen keert hij bij OZ terug in de hoofdrol van Verdi’s opera ‘Falstaff’. Verdere vermelding verdienen de Nederlanders Marcel van Dieren in de dubbelrol als Fiorello en Un Ufficiale en MachteldVennevertloo als Berta. De Franse dirigent Fabrice Bollon weet raad met Rossini’s pikante ritmes en subtiele instrumentatie. Hij houdt met het Brabants Orkest en het Zuidelijk Theaterkoor, ondanks enkele schommelingen tussen orkest en toneel, de partituur doorschijnend.

Operaliefhebbers die zoeken naar Rossini’s charme zullen in Mijnssens regie teleurgesteld zijn. Volgens haar zijn de personages van ‘Il Barbiere di Siviglia’ egocentrische personen in een komedie waarin lust, materialisme, consumptief gedrag en ijdelheid centraal staan. Hierdoor wordt het vaak plat, grof en gekunsteld. De striptease van de Graaf, de homoseksuele kappers, de dronken danspasjes op muziek; de personages worden onsympathieke karikaturen zonder charme. En de opera eindigt met een parade van blonde en rondborstige karikaturen van Miranda van Kralingen, de intendant van Opera Zuid. Maar ondanks dat kan OZ, mede door het voortreffelijke ‘Il Trittico’ als hoogtepunt, terugkijken op een geslaagd seizoen 2007/2008.

Home, Opera Zuid