RECENSIE: Verdi – Attila

© Marina Verleun

Utrechts Operakoor overmeestert ‘Attila’

De opera ‘Attila’ van Verdi werd in Nederland al vaak uitgevoerd met Nederlandse zangers. Zo kende Nederland uitstekende sopranen in de rol van Odabella, zoals Cristina Deutekom, Maria van Dongen, Thea Vermeulen, Elisabeth Damen en Wiebke Göetjes en fantastische baritons voor de partij van Ezio, zoals Ernst Daniël Smid en Jan Derksen. In 1997 voerde het Utrechts Operakoor ‘Attila’ uit met Jan Derksen als Ezio en Harry Peeters als Attila en nu veertien jaar later speelt het gezelschap de opera opnieuw.

Het Utrechts Operakoor (UOK) werd opgericht in 1979 en speelde al vaak opera’s van Giuseppe Verdi (1813 – 1901). In de afgelopen ruim dertig jaar voerde het semi-professionele gezelschap ‘I Lombardi’, ‘La Traviata’, ‘Ernani’, ‘Macbeth’, ‘Nabucco’ en ‘Oberto’ op. Dit jaar is het de beurt aan ‘Attila’ (1846), de opera die zij ook al in 1997 uitvoerden.

Voor ‘Attila’ heeft het UOK Nederlandse zangers uitgenodigd. Bas-bariton Nanco de Vries geeft autoriteit en dramatiek aan de titelrol. Zijn grote aria “Metre gonfiarsi l’anima” zingt hij schitterend dromerig met fraaie legato lijnen. Voor de Nederlandse bariton Frank Dolphin Wong is ‘Attila’ geen onbekende opera. In 2001 zong hij zowel de titelrol van Attila de Hun in Dordrecht, als de rol van de Romeinse generaal Ezio bij de Rotterdamse Opera in de regie van Jan Bouws. Als Ezio doet Wong niet onder voor zijn fantastische voorgangers Jan Derksen en Ernst Daniël Smid. Zijn prachtige, vrije en open Verdi-bariton is helemaal op zijn plaats in deze hoge partij. De moeilijke cabaletta in de tweede akte met ruim tien hoge F’s zingt hij met schijnbaar gemak en de laatste F ruim zes maten lang! Elk woord is verstaanbaar en krijgt bij hem de juiste klank en kleur. De rol van Odabella is een fascinerende partij voor dramatische coloratuursopraan, die te vergelijken is met Abigaille in ‘Nabucco’ en Giselda in ‘I Lombardi’. Sopraan Francis van Broekhuizen benadrukt vooral de lyrische kant van Odabella en haar “Oh, nel fuggente nuvolo” zingt zij gevoelig en mooi. Haar hoogte is opvallend sterker en breder geworden. Ook tenor Edwin van Gelder zong al vaker Verdi rollen, zoals in ‘Aida’ en ‘Aroldo’ en in 1993 zong hij op het Belcanto Festival Dordrecht in ‘Attila’ de rol van Uldino. Deze keer zingt Van Gelder de lastige partij van Foresto en hij geeft goed karakter aan de enigszins ongedefinieerde rol.

Johan van der Camp is sinds 1981 artistiek leider van het Utrechts Operakoor. Hij is een zorgvuldige dirigent, brengt fraaie accenten, grote bogen en lijnen aan en haalt goed derubati uit de partituur. Helaas maakt hij door zijn langzame tempi de uitvoering niet altijd even opwindend. Het UOK overmeestert samen met het Opera- en Belcantokoor Liane Soudan uit Gent gedisciplineerd de lastige koorpartijen en het oratoriumachtige gehalte van ‘Attila’ ligt het koor goed. De mannen en vrouwen weten wat zij zingen in de hoedanigheid van Romeinse soldaten, Hunnen, priesteressen, maagden, kinderen en strijdsters. Het symfonieorkest Utrechtsch Studenten Concert begon slordig, maar herstelde zich goed.

Het UOK heeft een lange operatraditie en sinds zijn oprichting in 1979 waren al veel Nederlandse operazangers bij hen te gast. Het is te hopen, dat deze traditie zich nog lang zal voortzetten.

Diverse Recensies, Home