Poulenc – Dialogues des Carmélites

Geslaagde ‘Dialogues des Carmelites’ van De Nieuwe Opera Academie

Wie na het hartverscheurende ‘Suor Angelica’ van Opera Zuid nog niet genoeg heeft van nonnen in opera kan z’n hart ophalen bij ‘Dialogues des Carmelites’ van Francis Poulenc (1899 – 1963) door De Nieuwe Opera Academie (DNOA). DNOA is een samenwerking tussen de conservatoria van Den Haag en Amsterdam en biedt sinds 1996 een tweejarige voorgezette opleiding aan jonge operazangers. En de zangers van dit jaar zijn wat ons betreft met vlag en wimpel geslaagd getuige deze prachtige opvoering van ‘Dialogues des Carmelites’.

De autodidact Poulenc behoorde tot de Franse antiromantische stroming van de Groupe des Six, die tonaal componeerde en zich kenmerkte door grote helderheid. Poulenc begon in 1953 aan de opdracht van ‘Dialogues des Carmelites’ met de Italiaanse opera’s van met name Verdi als voorbeeld. De Milanese wereldpremière in 1957, waarvan audiomateriaal is overgeleverd, was een triomf en de Franstalige première vond een half jaar later plaats in Parijs.

De Franse afstandelijkheid van ‘Dialogues des Carmelites’ geeft de opera eenheid en noblesse, maar ondanks die terughoudendheid is het een diep emotionele en expressieve opera. Opvallend zijn de rijke melodische vondsten, de sensuele flexibele modulaties en de inventieve orkestratie. Daarnaast zorgt Poulencs recitatieve en lyrische stijl ervoor dat de tekst en de menselijke stem te allen tijde hoorbaar zijn, zoals ook bij Debussy het geval was.

De studenten van DNOA leveren zoals gezegd uitstekende prestaties. De Estonische mezzosopraan Kai Rüütel schittert als de fanatieke Mère Marie. De Nederlandse sopraan Sonja Volten zet een gejaagde, maar pure Blanche de la Force neer met al haar deemoedige neuroses. Haar onstuimig broer Chevalier de la Force wordt lyrisch gezongen door de IJslandse tenor Elmar Gilbertsson. Hun bijna amoureuze duet brengen ze bijzonder teder en week. De spontane Sœur Constance wordt vreugdevol neergezet door de sopraan Laila Sbaïti. De rol van de onveranderlijk kalme nieuwe priores Madame Lidoine vereist een dramatische sopraan en wordt gezongen door de Nederlandse Julia Westendorp. Zij heeft een stralende hoogte, haar middenregister zal nog voller worden en ze zal nog meer mogelijkheden tot legato hebben als haar bovenlip haar tanden minder bedekt. Aangrijpend en met bewonderenswaardige puurheid zingt ze haar aria aan het einde voor de finale. De cast werd versterkt door de Nederlandse veterane Klara Uleman als de eerste priores Madame de Croissy, voortreffelijk in al haar complexiteit.

Het grote orkest werd geleid door de veelbelovende Duitse dirigent Hendrik Schaefer. Hij weet de variatie in instrumentale orkestratie doorschijnend te houden en opvallend is de aandacht voor de kleur van de houtblazers, die een voluptueus timbre aan het orkest geven.

De Schotse tenor Alexander Oliver is sinds 1999 de artistieke leider van DNOA en eerder deed hij bij DNOA de regie van ‘Die Zauberflöte’, ‘Albert Herring’ en ‘A Midsummer Night’s Dream’. Voor ‘Dialogues des Carmelites’ heeft hij een beroep kunnen doen op De Nederlandse Opera, inclusief boventiteling én guillotine. Deze productie gaat nog op 19 december met dezelfde cast en met een tweede cast op 17 en 20 december.

Diverse Recensies, Home