Operagezelschappen tarten journalistieke integriteit

Beïnvloeding van journalisten is al zo oud als de media zelf. Het komt niet slechts voor op het terrein van de politiek en het bedrijfsleven, maar ook in de kunstwereld. Operagezelschappen wenden praktijken aan om de journalist naar hun hand te zetten. Een goede journalist dient dan ook stevig in zijn schoenen te staan, zich te wapenen tegen intimidatie en egostrelende verleiding te weerstaan. Daarin slagen zij helaas niet altijd.

Onlangs wijzigde de Nationale Reisopera haar persbeleid. Het gezelschap zal voortaan per voorstelling bekijken aan wie zij persuitnodigingen verstrekt. Aan recensenten, die niet welgevallig geschreven hebben, zou een volgende keer een uitnodiging geweigerd kunnen worden. Een journalist die in ‘the running’ wil blijven, dient dus niet te hard tegen de haren in te wrijven. Beïnvloeding en selectie van de pers door De Nederlandse Opera (DNO) gaat nog verder. Het hoofd communicatie van DNO, de Syrische Marc N. Chahin, belt, e-mailt en ontbiedt redacteuren als zij te kritisch schrijven. Eén en ander met medeweten (en wellicht in opdracht) van de Libanese artistiek directeur Pierre Audi. Bij aanhoudende kritiek van een journalist wordt uiteindelijk de persuitnodiging op oneigenlijke gronden ingetrokken. Deze intimiderende maatregelen neigen naar sluipende censuur, waarvan we ons in Europa na een vrijgevochten verleden juist hebben ontdaan. In de gevestigde media werd met geen enkel woord gesproken over deze praktijken. De recensies waren na de beleidswijziging van de Nationale Reisopera zelfs unaniem positief.

Verleiding

Niet alleen met persuitnodigingen, maar ook in materialistische zin weten operagezelschappen journalisten voor zich te winnen. Met (soms financieel) aantrekkelijke aanbiedingen hopen zij positief te stemmen. Journalisten krijgen uitnodigingen om lezingen te geven, essays te publiceren in programmaboekjes of artikelen te schrijven in blaadjes van aangesloten verenigingen. Journalisten die een mager salaris verdienen of soms zelfs helemaal geen salaris ontvangen, maar ook journalisten die meer naamsbekendheid willen krijgen, blijken voor dit soort aanbiedingen dikwijls gevoelig te zijn. Hun onafhankelijkheid staat erna echter op de tocht.

Principes

De pers zou zich niet moeten inlaten met dit soort verleidingen. Journalisten zouden daarom zelf een ethiek moeten bedrijven met strakke principes. Zo zou een journalist niet behoren te schrijven voor zowel een operablad, als de commerciële muziekindustrie of een vriendenblad van een operagezelschap. Vanwege de hiermee gepaard gaande belangenverstrengeling verliest de journalist zijn of haar onafhankelijkheid. Dat een operarecensent, die een intieme relatie onderhoudt met een medewerker van een operagezelschap, niet objectief meer is, is natuurlijk evident. Een redacteur, die keer op keer schrijft dat Pierre Audi zichzelf heeft overtroffen, zou een uitnodiging een boekje te schrijven over het Audi-tijdperk moeten afslaan. Dit maakt hem niet geloofwaardig. En welke recensent weet nog dat het publiceren van interviews en voorbeschouwingen vóórdat hij de recensie over het betreffende voorstelling schrijft een journalistieke doodzonde is? En wist u eigenlijk dat bekende Duitse en Engelse operatijdschriften zich laten betalen door zangers voor een artikel of gunstig interview? Dit alles komt voor en roept op zijn minst vragen op over de objectiviteit, geloofwaardigheid en integriteit.

Kwaliteit

Alle media worden door deze praktijken in diskrediet gebracht en de vraag laat zich stellen wat recensies op deze manier nog waard zijn. Het wordt de hoogste tijd dat de journalistiek zich buigt over ethiek en gedragsregels en een zelfreinigende praktijk aan de dag legt. Men zou daarbij kunnen denken aan een kwaliteitscontrole voor journalisten met prestatie-indicatoren, zodat men hen (niet-inhoudelijk!) kan toetsen. Maar daarvoor is een zekere mate van zelfreflectie nodig, die bij veel recensenten – die zo gefocust zijn op het beoordelen van anderen – paradoxaal genoeg ontbreekt.

Reacties:

J. te A. zei:

Goed stuk. Heb je dit ook aan de Raad voor journalistiek gestuurd?


F.G. te A.
 zei: 
Goed dat je dit schrijft!
Ik zou alleen niet geschreven hebben Syrische Marc N. Chahin en Libanese artistiek directeur Pierre Audi

De afkomst doet er mijns inziens niets toe en is nogal suggestief


B. te A.
 zei: 
Je slaat de spijker op de kop !


J.L. te D.
 zei: 
Ik ben operaliefhebber sinds 62 jaar van mijn leven.
Ik heb muziek- en zangstudie achter de rug. Mijn kennis over opera mag ik, zonder schroom, betitelen als méér dan grondig.

Mijn professionele opleiding heeft mij gebracht tot leider van menige handeldsontwikkeling in Europa.
Ik heb in de operawereld heel wat meegemaakt en het doet mij o zo goed aan het hart, dat U dit aan de kaak stelt.
Het kan toch niet zijn dat de leidingen, zonder racist te willen zijn, toevertrouwd werden aan een Syriër en een Libanees? Zijn er geen bekwame mensen in Nederland of zelfs Europa te vinden zijn?
We laten G. Mortier hier zeker buiten beschouwing.
Het kan ook niet zijn dat recensies zo lief zijn voor bvb. ONMOGELIJKE (lees verkrachte) ensceneringen zowel in Nederland als internationaal.
We hebben een bloeiende operawereld, zitplaatsen te kort.
De vraag is echter: willen we het geheel met praktijken zoals U beschrijft en anderen die ik weet, door corruptie, bedreiging, narcisme en dies meer laten te niet gaan? U duidt zelfs over charme-operaties, wat ik enorm apprecieer. Het is een oud zeer.
U zal altijd bij mij, hoe miniem ook, steun vinden voor de juiste mensen op de juiste plaats zowel zangers, personeel, recensenten enz.
Maar, zoals U schrijft en wat ik weet over opera en VOORAL over operastemmen en invulling van rollen, heb ik een voorstel.
Ik neem de algemene leiding en U wordt de artistiek- en mediadirecteur.
We zouden het goed doen, zeker weten.


J.H. te A.
 zei: 
Beste hoofdredacteur,

Wat een goedgeschreven en gewaagd stuk! Het doet me goed dat er individuen zijn die dit soort praktijken aan de kaak stellen.
Ga zo door en de groeten aan Tiff.


B. te A.
 zei: 
Kan je nog wel zonder beveiliging over straat??


N. te F.
 zei: 
Gedurfde reportage, chapeau!
Heb nooit geweten dat het zo in elkaar steekt.

Goed dat dit naar buiten komt. Wie weet zet het aan tot een verandering in operaland op meerdere vlakken.